Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad

Sanctie in Belgisch recht, meer dan in Nederland, punitief karakter

Eerder kwam hier aan bod hoe in vele continentale systemen aan de “stille” of commanditaire vennoot een verbod wordt opgelegd om zich te mengen in het beheer van de vennootschap. Art. 20 al. 1 en 2 van het Nederlandse Wetboek van Koophandel (WvK) stellen over de commanditaire vennoot (“vennoot bij wijze van geldschieting”):

“Behoudens de uitzondering, in het tweede lid van art. 30 voorkomende, mag de naam van den vennoot bij wijze van geldschieting in de firma niet worden gebezigd.
Deze vennoot mag geene daad van beheer verrigten of in de zaken van de vennootschap werkzaam zijn, zelfs niet uit kracht eener volmagt.”

Continue reading “Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad”

Morele wezens en wetsontduikende monniken

Een longread in kerstsfeer over de vereniging zonder rechtspersoonlijkheid

Wetsontduikende witheren

2 mei 1845. In Averbode wisselt de Norbertijn Jan-Zacharie Carleer, provisor van de Abdij, het tijdelijke voor het eeuwige. Zoals dat hoort bij een overleden geestelijke zijn er geen kinderen of  langstlevende echtgenoot noch andere reservataire erfgenamen. Bij testament had Carleer een andere Norbertijn van dezelfde abdij als algemeen erfgenaam aangesteld.

Er duikt echter een minder piëteitsvolle neef op, Jean-François Mertens, die de geldigheid van het legaat aanvecht en de erfenis opeist. Continue reading “Morele wezens en wetsontduikende monniken”

Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap

Regels rond conventionele (familiale) onverdeeldheid volgen steeds meer die van maatschap

1.

Een dame  had met haar toenmalige partner  in 2000 een woning aankocht te Mortsel. Beiden kochten dit pand aan in “onderverdeeldheid met een beding van aanwas voor het vruchtgebruik op de onverdeelde helft van de overledene, op voorwaarde van blijvend samenwonen tot aan het vooroverlijden”. De partner overleed in 2009. De dame dagvaardt in 2011 de dochter van haar overleden partner (en diens enige reservataire erfgenaam) ten einde te horen zeggen voor recht dat zij het volledige vruchtgebruik heeft op het onroerend goed. De dochter vorderde de nietigheid of niet-tegenwerpelijkheid van het beding van aanwas en vorderde verder de verdeling van de onverdeeldheden. Continue reading “Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap”

‘You can’t dance at two weddings with one behind’ (Yiddish proverb)

The uneasy dual role of creditor and shareholder

1.

A previous post mentioned the rudimentary rule on distributions in the ‘partnership en commandite’ (limited liability partnership) in article 206 of the Belgian Company Code (‘BCC’), dating back to 1873:

“Third parties can force [the limited partner] to return any interest or dividends distributed to him, if such distributions are not taken from the non-fictitious profits of the partnership. The unlimited partner has recourse against the manager for any distributions he had to return, in case of fraud, bad faith or serious negligence by the manager.”

Today we discuss how one word in this antique (yet inspiring) rule foreshadows a topical subject: Continue reading “‘You can’t dance at two weddings with one behind’ (Yiddish proverb)”

Our own private Delaware: the ‘partnership en commandite’

Lessons from an ancient experiment with light vehicles: on moral hazard, agency problems, publicity systems and the unsavoury regions of Flanders

The limited partnership or “partnership en commandite” (commenda, société en commandite, Kommanditgesellschaft) has been a fixture of continental business law since the 12th century. It is an entity with one or more unlimited partners and one or more limited partners. For a long time, the limited partnership was the only form offering limited liability off-the-shelf, without the need for a specific governmental authorization. In many jurisdictions the “partnership en commandite” still enjoys a quiet popularity. Continue reading “Our own private Delaware: the ‘partnership en commandite’”

Er is meer dan één derde: niet elke vennootschapsschuldeiser kan zich beroepen op niet-openbaarmaking

Cassatie: voormalige firmant waarvan uittreding niet werd gepubliceerd, is niet aansprakelijk voor niet-betaalde bedrijfsvoorheffing die na uittreding verschuldigd werd

Rechtspersoonlijkheid heeft belangrijke gevolgen voor derden, zoals beperkte aansprakelijkheid en vermogenafscheiding. Het is dan ook belangrijk dat die derden op de hoogte worden gesteld. Openbaarmaking gaat daarom naar het hart van de rechtspersoon.

Art. 76 al. 1 W.Venn. bepaalt dat akten en gegevens waarvan de openbaarmaking is voorgeschreven aan derden niet kunnen worden tegengeworpen dan vanaf de dag dat zij werden bekend gemaakt, tenzij de vennootschap aantoont dat de derde daar kennis van droeg.

Wie is die derde die zich op de niet-openbaarmaking kan beroepen? Continue reading “Er is meer dan één derde: niet elke vennootschapsschuldeiser kan zich beroepen op niet-openbaarmaking”

De Maatschap mag failliet

Vijf bouwstenen voor een modernisering

Vandaag wordt het meestal niet in vraag gesteld dat een maatschap niet het voorwerp uit kan maken van een insolventieprocedure. Is het niet logisch dat enkel natuurlijke personen en rechtspersonen failliet kunnen gaan? En dus niet niet een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid? Zo luidt het.

Een Onderneming met een Afgescheiden Vermogen Verdient het Insolventierecht

Een moderne insolventiewetgeving stelt de insolventieprocedure nochtans ook open voor een maatschap. Continue reading “De Maatschap mag failliet”