TPR Wisselleerstoel aan de Universiteit Leiden over vermogenssplitsing ~ Prof. Dr. J. Vananroye (KU Leuven)

maandag 1 april 2019 om 16.00 uur, het Kleine Auditorium van het Academiegebouw (Rapenbrug 73, Leiden)

In het kader van de TPR-wisselleerstoel 2019 aan de Universiteit Leiden, houdt professor Joeri Vananroye op maandag 1 april 2019 om 16.00 uur zijn oratie met als titel:

Over de schutting:
de ongelijke waardering van vermogenssplitsing
in het burgerlijk en het ondernemingsrecht

De plechtigheid vindt plaats in het Kleine Auditorium van het Academiegebouw (Rapenbrug 73, 2311 GJ Leiden, Nederland). Vananroye doceert aan de KU Leuven ondernemingsrecht en economische analyse van het recht.

*  *  *

Het burgerlijk recht is klassiek erg wantrouwig ten aanzien van het compartimenteren van het vermogen door beperkte aansprakelijkheid of vermogensafscheiding. Het 19de eeuws idee dat iedere persoon één en slecht één vermogen heeft, dat dient als verhaalsobject van al zijn schulden, blijft een belangrijke regel van hedendaags positief recht.

Dit wantrouwen blijkt echter te verdwijnen als ook vennootschapsrecht mee in beeld wordt genomen. In de eerste helft van de 19de eeuw werd de verwijzing naar een persoon vanzelfsprekend begrepen als de verwijzing naar een natuurlijke persoon. De oprichting van rechtspersonen was uitzonderlijk en onderworpen aan specifieke overheidsgoedkeuring.

Sindsdien werden de beperkingen op de oprichting en het functioneren van rechtspersonen echter aanzienlijk geliberaliseerd. De recente goedkeuring in België van het nieuwe WVV, dat vaart onder de vlag van de flexibiliteit, is daarvan een sprekend voorbeeld. Nederland ging voor met de flex-BV.

Het gevolg daarvan is dat de klassieke doctrine van “één persoon, één vermogen”, hoewel aan de oppervlakte nauwelijks gewijzigd, vandaag praktisch een totaal andere betekenis heeft dan in de 19de eeuw. Een natuurlijke persoon kan thans makkelijk één of meerdere rechtspersonen oprichten, controleren en er de beneficiaris van zijn. Het traditionele adagium kan daarom nu als volgt worden begrepen: “één natuurlijke persoon kan meerdere vermogens hebben door de fictie van de rechtspersoon”. Anders gezegd: rechtstreekse vermogenssplitsing wordt met argwaan ontvangen, maar onrechtstreekse vermogenssplitsing d.m.v. de rechtspersoonstechniek is makkelijk en goedkoop beschikbaar.

Dat doet deze vraag rijzen: Waarom is de traditionele animus tegen vermogenssplitsing niet (of minstens toch aanzienlijk minder) een bezwaar indien de rechtspersoonstechniek wordt gehanteerd om het vermogen te compartimenteren.

In zijn oratie zal professor Vananroye de juridische technologie identificeren die maakt dat bij de rechtspersoonstechniek de negatieve gevolgen van vermogenssplitsing worden afgezwakt. De evoluties in deze technologie verklaren ook waarom in de afgelopen 200 jaar de rechtspersoonstechniek op steeds minder argwaan werd ontvangen. De analyse van deze technologie biedt ook een agenda voor verdere hervormingen.

*  *  *

Vanwege het beperkt aantal beschikbare plaatsen wordt belangstellenden verzocht zich aan te melden bij mevr.  J. Wessel (j.e.wessel@law.leidenuniv.nl). 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s