Een ‘second wind’ voor de Comm. V?

De “Comm. BV” als vluchtvorm

De Comm.V is misschien een onbekende, maar geen onbelangrijke vennootschapsvorm. De populariteit van de Comm. V is verrassend groot. En stijgend.

Een zoekopdracht voor de “rubriek oprichting (nieuwe rechtspersoon, opening bijkantoor enz.)” voor het jaar 2016 levert 3836 resultaten op. In 2015: 3487; in 2014: 2972; in 2013: 2595.

Grafiek Comm.V

Ter vergelijking: in 2016 geeft deze zoekopdracht voor de BVBA 12827 resultaten op; voor de CVBA 285; voor de NV 626; voor de VOF 1845.

Grafiek 2

Met deze maatstaf gemeten is de Comm.V de op één na meest populaire vennootschapsvorm. Deze maatstaf moet uiteraard genuanceerd worden. Dit cijfer omvat zowel de oprichtingen als de openingen van een bijkantoor. Ook zegt het aantal oprichtingen niet meteen iets over het economisch belang. Niettemin: de Comm. V is belangrijker dan de aandacht ervoor in onderwijs en onderzoek laat vermoeden.

Hoe zal deze vorm varen na een hervorming van het vennootschapsrecht? Continue reading “Een ‘second wind’ voor de Comm. V?”

Wordt bestuursaansprakelijkheid te veel beperkt door andere regels?

Bestuursaansprakelijkheid als derdenbescherming

Bestuursaansprakelijkheid vormt een belangrijke grens op de perverse prikkels die aandeelhouders zonder aansprakelijkheid hebben. Een eerdere post beschreef hoe andeelhoudersaansprakelijkheid en bestuursaansprakelijkheid in belangrijke mate communicerende vaten zijn.

De logische consequentie daarvan is dat een vermindering aan het aandeelhoudersrisico (bv. door het afschaffen van het minimumkapitaal) zou leidt tot een verhoging van het risico van bestuursaansprakelijkheid (J.-M. Nelissen Grade en M. Wauters, “Reforming Legal capital: harmonisation or fragmentation of creditor protection?” in K. Geens en K.J. Hopt (eds.), The European Company Law Action Plan Revisited, Leuven, Leuven University Press, 2010, (25) 47-49).

We zien echter dat bestuursaansprakelijk valt onder de toepassing van aansprakelijkheidsbeperkende regels, vaak buiten het vennootschaps­recht. Deze beperkingen zijn vaak typisch Belgisch zijn en worden bv. niet of niet in dezelfde mate teruggevonden in Nederland. De opportuniteit van hun toepassing op het bestuursaansprakelijkheid is verre van evident.

De vennootschapsinsiders genieten hier immers van een “double indemnity”: ze zijn door de rechtspersoonsrtechniek niet gehouden als aandeelhouder en ontspringen via deze flankerende maatregel ook nog eens wegens deze flankerende regels de foutaansprakelijkheid voor bestuurders.  Om de belangrijkste van deze flankerende regels te noemen: Continue reading “Wordt bestuursaansprakelijkheid te veel beperkt door andere regels?”

Ook interne aansprakelijkheid dient de belangen van externen

Bestuursaansprakelijkheid als derdenbescherming

Een vorige post zoomde in op het belang van externe bestuursaansprakelijkheid (uit onrechtmatige daad) voor de bescherming van derden. Dat is bijna een open deur. Wat minder wordt erkend is dat ook interne bestuursaansprakelijkheid in belangrijke – en we durven te stellen: doorslaggevende – mate derdenbeschermend is.

Interne bestuursaansprakelijkheid is de contractuele aansprakelijkheid die bestuurders oplopen ten aanzien van de vennootschap zelf. De aansprakelijkheid wordt door de actio mandati of vennootschapsvordering afgedwongen. Wie aan de actio mandati denkt, denkt spontaan aan het belang van aandeelhouders; niet aan schuldeisers of andere derden. Contractuele aansprakelijkheid beschermt typisch partijen, niet derden. Toch beschermt deze vordering ook schuldeisers. Continue reading “Ook interne aansprakelijkheid dient de belangen van externen”

Vrijwillige vs onvrijwillige schuldeisers bij externe bestuursaansprakelijkheid

Bestuursaansprakelijkheid als derdenbescherming

Een vorige post stelde in het licht dat  bestuursaansprakelijkheid ook, en wellicht vooral, de belangen van derden dient.

Dat bestuursaansprakelijkheid derden beschermt is evident bij de externe bestuursaansprakelijkheid. Dat is de aansprakelijkheid die de bestuurder oploopt ten aanzien van derden bij onrechtmatige daden die hij begaat in hoedanigheid. Het mooie aan de Belgische regels inzake externe bestuursaansprakelijkheid is dat ze differentiëren tussen vrijwillige schuldeisers (bv. op grond van een overeenkomst) en onvrijwillige schuldeisers (bv. slachtoffer van een onrechtmatige daad).

Beperkte aansprakelijkheid is immers veel minder evident bij onvrijwillige schuldeisers: die schuldeisers hebben niet vrijwillig een band met een entiteit met beperkte aansprakelijkheid. De regels inzake externe bestuursaansprakelijkheid reflecteren dat verschil: Continue reading “Vrijwillige vs onvrijwillige schuldeisers bij externe bestuursaansprakelijkheid”

De minderheidsvordering: het heilig doel zonder middelen

Een post door gastblogger Frederik Voet

De minderheidsvordering werd reeds ‘onterecht onbemind’ genoemd. Het instrument dat de minderheidsaandeelhouder wordt aangereikt om bestuurders aansprakelijk te stellen, wordt immers voornamelijk gekenmerkt door een gebrek aan toepassing in de praktijk. Nochtans is er wel degelijk nood aan een doeltreffend instrument, aangezien de minderheidsaandeelhouder de kans dient te worden geboden om de bestuurders aansprakelijk te stellen voor bestuursfouten wanneer de meerderheid van de algemene vergadering weigert de vennootschapsvordering in te stellen. Deze situatie is zeker niet denkbeeldig, aangezien het vaak diezelfde meerderheidsaandeelhouders zijn die de bestuurders hebben benoemd en bijgevolg eventuele fouten bedekken met de mantel der liefde. Continue reading “De minderheidsvordering: het heilig doel zonder middelen”

Bestuursaansprakelijkheid als belangrijkste remedie ter bescherming van derden

Bestuursaansprakelijkheid als derdenbescherming

De belangrijkste vennootschapsrechtelijke remedie ter bescherming van derden is welllicht bestuursaansprakelijkheid. Beperkte aansprakelijkheid voor aandeelhouders en aansprakelijkheid voor bestuurders zijn in belangrijke mate communicerende vaten: de aansprakelijkheid verschuift van de beneficiarissen van een vermogen (de aandeelhouders) deels naar de bewindvoerders over dat vermogen (de bestuurders).

Op die wijze verschaft het vennootschapsrecht de voordelen van beperkte aansprakelijkheid voor aandeelhouders (vnl. mogelijkheid om grote kapitalen bijeen te brengen bij vele financiers, mogelijkheid voor financiers om te diversifiëren over veel projecten, mogelijkheid voor financiers om bestuur te delegeren aan specialisten), terwijl de negatieve gevolgen daarvan (excessief risicogedrag) worden afgevlakt. Continue reading “Bestuursaansprakelijkheid als belangrijkste remedie ter bescherming van derden”

De pauliana tegen de splitsing van een insolvente vennootschap. Ook een rechtspersoon mag waardig sterven.

Noot in TRV/RPS over onevenwichtige splitsing in schemerzone voor faillissement

Als een rechtspersoon op de rand van het faillissement staat, kunnen insiders proberen het vermogen van die rechtspersoon  uit te hollen door middel van een herstructurering, bijvoorbeeld een splitsing. Zo kunnen ze nog snel de gezonde delen uit de rechtspersoon halen vóór de curator die vereffent ten voordele van de schuldeisers. Met de actio pauliana kan een dergelijke schuldeisersbenadelende splitsing echter onder bepaalde voorwaarden niet-tegenwerpelijk worden verklaard. Ook kunnen insiders mogelijk aansprakelijk worden gesteld voor de schuldeisersbenadeling die uit de splitsing is voortgekomen.

In een recente noot in het TRV-RPS bespreken we een interessant toepassingsgeval, waarover de rechtbank van koophandel van Gent (afdeling Dendermonde) zich heeft gebogen. We analyseren daarbij kritisch de toepassingsvoorwaarden voor pauliana-aanvechting  van een splitsing en de band tussen paulianeus gedrag van insiders en hun aansprakelijkheid. Vooral de schadebegroting van de rechtbank doet verbazen: hoofdelijke aansprakelijkheid van de gesplitste vennootschappen en hun zaakvoerders voor het hele faillissementspassief. Met een goed begrip van wat pauliaanse verhaalsbenadeling net is, wordt duidelijk dat daarmee meer dan de werkelijke schade wordt vergoed: Continue reading “De pauliana tegen de splitsing van een insolvente vennootschap. Ook een rechtspersoon mag waardig sterven.”