Ongemene reflecties over gemene bepalingen

Boek 2 WVV

Een wetgever die alle vennootschappen, stichtingen en verenigingen in één wetboek wil regelen zou vele “gemene” regels kunnen bedenken: gemeen aan alle vormen, gemeen aan alle rechtspersonen, gemeen aan alle vennootschappen, gemeen aan alle non-profits (verenigingen en stichtingen), gemeen aan alle verenigingen (met en zonder rechtspersoonlijkheid), gemeen aan alle vormen zonder rechtspersoonlijkheid (maatschap en feitelijke vereniging), gemeen aan alle vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (met bv. een gemene liquiditeitstest), gemeen aan alle entiteiten met beperkte aansprakelijkheid (met bv. gemene bepalingen rond startvermogen), gemeen aan alle vennootschapsvormen met/zonder vrije overdraagbaarheid van aandelen, … Het WVV zet vooral in op regels gemeen aan alle rechtspersonen (Boek 2). Deze post gaat in op de voorgeschiedenis hiervan, de praktische inzet en de wenselijkheid van deze keuze.

*     *
*

Continue reading “Ongemene reflecties over gemene bepalingen”

Studiedag 1 jaar nieuw ondernemingsrecht

Studiedag – 20 december – UHasselt

Ter ere van het éénjarig bestaan van het nieuwe ondernemingsrecht wordt op vrijdag 20 december 2019 aan de UHasselt de studiedag ‘1 jaar nieuw ondernemingsrecht‘ georganiseerd.

Zoals geweten is op 1 november 2018 is het begrip ‘koopman’ uit het Belgische rechtsbestel verdwenen en daarmee ook het geheel van regels dat gekend stond als het ‘handelsrecht’. Sinds deze datum, nu reeds één jaar geleden, wordt gesproken over het ‘ondernemingsrecht’ en staat een nieuw begrip, de onderneming, centraal. Deze juridische omwenteling, die overigens gepaard ging met verschillende andere hervormingen van het economisch recht, doet een jaar na haar inwerkingtreding nog verschillende vragen rijzen.

Samen met een aantal experten ter zake uit de magistratuur, advocatuur en de academische wereld worden deze vragen gedurende deze studienamiddag diepgaand onder de loep genomen.

Inschrijven kan via deze link

Continue reading “Studiedag 1 jaar nieuw ondernemingsrecht”

The Road Towards Good Bankruptcy Governance: A Comparative Law and Economics Perspective

Papers from the INSOL Europe Academic Forum Annual Conference Athens, Greece, 3-4 October 2018

In the recently issued conference proceedings booklet “Party-Autonomy and Third Party Protection in Insolvency Law”, I published a paper called “The Road Towards Good Bankruptcy Governance: A Comparative Law and Economics Perspective”. The paper seeks to start the discussion on the topic of good bankruptcy (or insolvency) governance and to inspire idealistic researchers to become involved in this discussion. Three key aspects of good bankruptcy governance were dealt with in this paper.

First, an attempt was made to define the concept of “good bankruptcy governance”. This was later narrowed down to the following question: “In whose interest should the management of a corporation or insolvency estate act?”. A short comparative analysis of the US, the UK, Belgium and the Netherlands did not provide a clear answer.

However, some room for common ground could be found by Continue reading “The Road Towards Good Bankruptcy Governance: A Comparative Law and Economics Perspective”

Nederlandse voorstellen ‘Wet overgang van onderneming in faillissement’ – Wat met werknemersbescherming na Smallsteps en Plessers?

Consultatieronde van start

Op 29 mei 2019 verschenen de Nederlandse voorstellen voor een wet en ministeriële regeling “overgang van onderneming in faillissement”. Die voorstellen zijn er gekomen naar aanleiding van de uitspraak van het Europees Hof van Justitie in de zaak Smallsteps. Daarin werd geoordeeld dat de Nederlandse pre-packpraktijk niet richtlijnconform is. De Nederlandse voorstellen kunnen ter inspiratie dienen voor de Belgische wetgever bij het opstellen van een meer coherente en richtlijnconforme regelgeving inzake werknemersbescherming bij (i) de overdracht van een onderneming uit faillissement en (ii) de gerechtelijke reorganisatie door overdracht onder gerechtelijk gezag (hierna: ‘GROG’). Continue reading “Nederlandse voorstellen ‘Wet overgang van onderneming in faillissement’ – Wat met werknemersbescherming na Smallsteps en Plessers?”

The ECJ in ‘Plessers’: Employee Protection in Insolvency Proceedings by Transfer of Undertaking

In search of the right balance between employee protection and efficiency of insolvency proceedings

In its preliminary ruling of today, the ECJ has followed its AG and decided that Council Directive 2001/23/EC (the ‘Directive’) must be interpreted as precluding national legislation, such as Article 61(3) of the Belgian WCO (now Article XX.86(3) WER), which, in the event of the transfer of an undertaking which has taken place in the context of proceedings for judicial restructuring by transfer under judicial supervision (‘GROG’) applied with a view to maintaining all or part of the transferor or its activity, entitles the transferee to choose the employees which it wishes to keep on.

On 23 April 2012, NV Echo entered into a judicial reorganisation proceeding. A collective agreement could not be reached and on 19 February 2013, a GROG was initiated. On 22 April 2013, NV Prefaco took over the business of NV Echo together with two-thirds of the total employees of the transferor.

Plessers, who was one of the dismissed employees, argued (among other things) that Continue reading “The ECJ in ‘Plessers’: Employee Protection in Insolvency Proceedings by Transfer of Undertaking”

The CJEU Vantaan kaupunki case: piercing the corporate veil via private enforcement of EU competition law

A post by Jasper Van Eetvelde & Michiel Verhulst

The CJEU judgement on the 14th of March 2019 in the Vantaan kaupunki case shows the increasing spillover effects of the public enforcement of competition law on the private enforcement thereof. The CJEU found that the concept of ‘undertaking’ as autonomously interpreted in competition law is applicable when claiming for damages on the basis of breaches of EU competition law. This has far-reaching consequences, since it implies that both the principles of parental liability and economic continuity are henceforth part of the national rules on the private enforcement of EU competition law. This triggers some reflections on corporate law on voluntary winding-up in general and the usefulness of focussing on the economic reality outside competition law. Continue reading “The CJEU Vantaan kaupunki case: piercing the corporate veil via private enforcement of EU competition law”

‘Vergeten’ activa en passiva in het kader van een vereffeningsprocedure: rechtszekerheid op komst?

Post door gastblogger Arne Weemaes (student UA)

De regelgeving inzake de ontbinding en vereffening van vennootschappen is sinds 1995 meermaals gewijzigd. Aangezien de wetgever zich hierbij steeds beperkte tot specifieke onderdelen, bleven heel wat fundamentele aspecten onduidelijk of zelfs onbehandeld. Het gaat met name over de problematiek betreffende de sluiting van de vereffening en haar rechtsgevolgen. De bestaansreden van deze problematiek kan worden teruggebracht tot de formalistische opvatting van de sluiting van de vereffening door het Hof van Cassatie (Cass. 22 maart 1962, Pas. 1962, 80). Volgens die opvatting wordt de vereffening afgesloten door een formeel besluit van de algemene vergadering, ongeacht of de vereffening ook effectief inhoudelijk werd voltooid.

Het belangrijkste gevolg van deze formalistische opvatting is dat de mogelijkheid bestaat dat er bepaalde activa of passiva niet in de vereffeningsprocedure werden opgenomen en deze aldus ‘vergeten’ bestanddelen pas na de afsluiting van de vereffening worden opgemerkt. Gelet op het feit dat de (actieve) rechtspersoonlijkheid van de vennootschap reeds na de sluiting van de vereffening is uitgedoofd, vormt de hypothese van ‘vergeten’ activa en passiva een aanzienlijk probleem. In dat verband rijst nl. de vraag in welke mate de vennootschap, de vennoten en de schuldeisers ten opzichte van elkaar nog rechten kunnen laten gelden. Daar waar het huidige recht ter zake geen adequaat antwoord biedt, bevat het ontwerp-WVV een gloednieuwe regeling inzake deze kwestie.

Deze blogpost zal eerst stilstaan bij de mogelijkheden die vandaag bestaan wanneer men na de sluiting van de vereffening wordt geconfronteerd met ‘vergeten’ vermogensbestanddelen. Daarna volgt een analyse van de toekomstige regelgeving die de aangehaalde problematiek het hoofd tracht te bieden. Teneinde de relevante principes helder weer te geven, wordt een opdeling gemaakt tussen enerzijds ‘vergeten’ activa en anderzijds ‘vergeten’ passiva. Continue reading “‘Vergeten’ activa en passiva in het kader van een vereffeningsprocedure: rechtszekerheid op komst?”