Frederik De Leo op de Oxford Business Law Blog over de pre-pack

The pre-pack: what else? (Estro/Smallstep)

Op Oxford Business Law Blog verscheen vandaag een analyse door Frederik De Leo (KU Leuven) van het arrest “Estro/Smallstep” van het Europees Hof van Justitie.  Daarbij merkt de auteur op dat het voorlopig intrekken van de bepaling inzake het stil faillissement  in het Belgisch wetsontwerp tot hervorming van het insolventierecht door minister Geens een slimme zet was. Volgens de auteur zou de desbetreffende bepaling (het toenmalig ontwerp-artikel XX.33 WER) de toets aan het Europees recht per het arrest “Estro/Smallstep” niet gehaald hebben.

U kon in een eerder gepubliceerde post door Frederik De Leo op deze blog reeds een uitgebreidere analyse lezen.

Boedelschuld, een lastig label (huur als teaser)

Nieuwe praktische wegwijzer over boedelschulden verschenen bij Kluwer

Boedelschulden behoren tot het DNA van het insolventierecht. Als “schulden van de boedel” verwijzen ze naar de juridische ruwbouw van de insolventieprocedure. Die ruwbouw, de boedel, is een afgescheiden en onder bewind gesteld vermogen met een vereffenings- of saneringsdoel (typevoorbeeld: de faillissementsboedel). Boedelschulden zijn niets anders dan schulden waarvan de boedel zelf de schuldenaar is. De boedel moet ze betalen vóór de “schulden in de boedel” – simpel gesteld, de te vereffenen of saneren schulden van de insolvente schuldenaar.

Dat klinkt gemakkelijker dan het is. In een recente bijdrage, verschenen in de reeksen Faillissement & Reorganisatie en AdvocatenPraktijk van Kluwer, verheldert Gillis Lindemans het concept boedelschulden aan de hand van concrete toepassingen. Daarvan hieronder alvast eentje, als teaser: schulden uit huurovereenkomsten.

Continue reading “Boedelschuld, een lastig label (huur als teaser)”

The ECJ in “Estro/Smallstep” on the Dutch pre-pack in relation to article 5(1) of Directive 2001/23

A red flag for the pre-pack as we know it?

In its preliminary ruling of today, the ECJ has decided that the Dutch pre-pack does not come under the derogation in Article 5(1) of Directive 2001/23. The reasoning of the ECJ will have important consequences for the pre-pack-practice and (draft) legislation in all European Member States, including Belgium, Germany, France and the United Kingdom.

Background: Project Butterfly

In November 2013, Estro Groep BV (with 380 establishments and 3.600 employees the largest childcare company in the Netherlands) entered into financial distress. Since plan A, i.e. consulting its lenders and principal shareholders in order to obtain further financing, was unsuccessful, “Project Butterfly” came into force. Under Project Butterfly, a significant part of Estro Group would be transferred pursuant to a pre-pack: 243 centers out of 380 would be saved and 2.500 employees out of 3.600 would keep their job. Continue reading “The ECJ in “Estro/Smallstep” on the Dutch pre-pack in relation to article 5(1) of Directive 2001/23”

Ode on a Distant Prospect of Bankruptcy Governance

Frederik De Leo over de voorstellen voor een nieuwe insolventiewetgeving in de Juristenkrant

In een recente bijdrage in de Juristenkrant heb ik betoogd dat de wetgever in de huidige voorstellen voor een nieuwe insolventiewetgeving te weinig aandacht heeft voor corporate governance bij ondernemingen in financiële moeilijkheden (i.e. bankruptcy governance). In die bijdrage is mijn aandacht voornamelijk uitgegaan naar het stil faillissement, waarover reeds eerder werd bericht op deze blog (zie hier,  hier en hier).

Vanuit een governanceperspectief betreft het stil faillissement echter een insolventierechtelijk zorgenkind: de nodige bonding- en monitoringmechanismen ontbreken. Daardoor bestaat het risico dat het stil faillissement een doofpot wordt voor opportunistisch gedrag van de agent en verbonden partijen.

Het volledig artikel kan u raadplegen in het recente nummer 351 van de Juristenkrant.

Frederik De Leo
Doctoraatsbursaal
Instituut voor Handels- en Insolventierecht, KU Leuven

 

Het einde van de slapende vennootschappen

Publicatie van Wet van 17 mei 2017 tot wijziging van diverse wetten met het oog op de aanvulling van de gerechtelijke ontbindingsprocedure van vennootschappen

De wetswijziging van 17 mei 2017, die maandag werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad,[1] luidt het einde in van de zgn. ‘slapende vennootschappen’. De wetgever wijzigt hiermee de gerechtelijke ontbindingsprocedure vervat in art. 182 W.Venn. krachtens dewelke vennootschappen die gedurende drie opeenvolgende jaren geen jaarrekening hebben neergelegd gerechtelijk kunnen worden ontbonden. Continue reading “Het einde van de slapende vennootschappen”

Lessons from history: the emergence of the corporate form

Dari-Mattiacci, Gelderblom, Jonker & Perotti in the Journal of Law, Economics & Organization on the Dutch East Indies Company (VOC)

In a recent article, published in the Journal of Law, Economics & Organization (the article can be consulted here), DARI-MATTIACCI, GELDERBLOM, JONKER and PEROTTI describe the emergence of the corporate form during the 17th century. In doing so, they put important insights from other authors (HANSMANN, KRAAKMAN and SQUIRE, click here and BLAIR, click here) in an historical perspective. Professor DARI-MATTIACCI, one of the authors, held in 2015 at the KU Leuven the first Heremans Lecture on “The new economics of property rights. Unlocking the fundamental features and the historical emergence of the business corporation “, discussing a draft of this article.

Their research shows the corporate form to be a legal innovation, meeting the practical needs of oversees trade and appearing first in the Dutch East India Company (VOC). The partnership form and contractual commitments of capital did not provide the durability needed for oversees trade with Asia at the end of the 16th century. Continue reading “Lessons from history: the emergence of the corporate form”

Over de ex nunc-werking van constitutieve vonnissen in het vennootschaps- en insolventierecht

Recente arresten van de Hoge Raad en het Hof van Cassatie over hervorming faillissements- en vereffeningsvonnissen

In een arrest van 11 november 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2577) bevestigt de Hoge Raad dat de faillissementstoestand van een gefailleerde voortduurt tot de uitspraak waarmee de faillietverklaring werd vernietigd kracht van gewijsde heeft verkregen. Handelingen die de curator verrichtte voordat de vernietiging van het faillissementsvonnis kracht van gewijsde verkreeg, blijven nadien overeind. Hieruit blijkt dat de rechtstoestand gecreëerd door een faillissementsvonnis niet retroactief wordt tenietgedaan bij een latere hervorming, wat wij in een eerdere blogpost reeds argumenteerden naar aanleiding van een Belgisch arrest van het Hof van Cassatie. Continue reading “Over de ex nunc-werking van constitutieve vonnissen in het vennootschaps- en insolventierecht”