Exit Faillissement? Een juridische denkoefening over de afwikkeling van lege doos vennootschappen

Een blogpost door Andreas De Fonseca

De wetgever heeft met de wet van 7 juni 2023 de gerechtelijke ontbinding verder verruimd. Het is vanaf nu een volwaardig alternatief voor het faillissement van bepaalde rechtspersonen. Dit kan gezien worden als een verderzetting van de trend die ten grondslag ligt aan de wet van 17 mei 2017. Hiermee werd het nog eenvoudiger om inactieve vennootschappen, die het economisch verkeer kunnen ‘besmetten’, op te ruimen via gerechtelijke ontbinding. De wetgever wenst deze ‘lege dozen’ tegen zo laag mogelijke kosten te verwijderen. De gerechtelijke ontbinding lijkt hiervoor het uitgelezen instrument aangezien er, in tegenstelling tot het faillissement, niet steeds een vereffenaar moet worden aangesteld.  Vele lege dozen kwamen echter alsnog terecht in de faillissementsprocedure, die de Staat opzadelde met allerlei kosten. Vooral de pro deo forfaitaire vergoeding voor de curator werd door de wetgever bestempeld als een inefficiënte aanwending van algemene middelen.  De wet van 7 juni 2023 moet het mogelijk maken om die besparingen te realiseren, door de gerechtelijke ontbinding onder bepaalde omstandigheden mogelijk te maken.

In deze blogpost is het de bedoeling om een denkoefening uit te voeren over dit thema. In het eerste deel van de blogpost gaan we ervan uit dat de wetgever moet gevolgd worden. Lege dozen ontbinden zonder aanstelling van een vereffenaar is de correcte piste. Hierbij wordt nagegaan hoe de wetgever dit nu heeft ingevuld met de wet van 7 juni 2023 en hoe dit anders/beter had kunnen worden vormgegeven. Het tweede deel gaat ervan uit dat de wetgever niet moet gevolgd worden. Dat de gerechtelijke ontbinding geen alternatief mag worden voor het faillissement. Hoe kan men er dan alsnog voor zorgen dat het verwijderen van lege dozen geen buitensporig dure operatie wordt, die geen baten oplevert voor stakeholders, waaronder de overheid? Voor beide pistes zal gebruik gemaakt worden van rechtsvergelijkende aspecten om alternatieven binnen de piste aan te dragen

Continue reading “Exit Faillissement? Een juridische denkoefening over de afwikkeling van lege doos vennootschappen”

‘Determinatio Magistralis’ door Xavier Dieux

Deficitaire vereffening, soortvorming en -wijziging van aandelen, gerechtelijke reorganisatie

De Belgische dominicaan, kenner van het thomisme en rector aan de Universiteit van Fribourg Pierre Mandonnet beschreef de rol van de determinatio magistralis volgend op een disputatio als volgt:

Les objections proposées et résolues, au cours de la dispute, sans ordre préétabli, présentaient finalement une matière doctrinale assez désordonnée, moins semblable cependant aux débris d’un champ de bataille d’aux matérieux demi-ouvrés d’un chantier de constructions. C’est pourquoi à cette séance d’élaboration en succédait une seconde, qui portait le nom de détermination magistrale.‘ (Revue Thomiste 1928, 267-269, geciteerd in Jacques Le Goff, Les intellectuels au Moyen Âge, éditions du Seuil, 2014, 102)

De magister kreeg één dag om de brokstukken van één quaestio samen te rapen. Op de disputatio van 1 juni j.l. kreeg Professor Xavier Dieux enkele minuten om dit te doen voor drie quaestiones. Dat verhinderde niet dat dit op magistrale wijze gebeurde.

Op de dag dat aan Professor Dieux zijn Liber Amicorum wordt overhandigd, wilden we u graag de kans geven zijn beschouwingen hier te herbekijken (29 minuten).

We geven nog mee dat het proefschrift van Professor Dieux over Le respect dû aux anticipations légitimes d’autrui uit 1995 nu ook in open access beschikbaar is in de digitale archieven van de Leuvense rechtsbibliotheek.