Ontwerp-WVV goedgekeurd in Kamercommissie

De Kamercommissie Handelsrecht keurde vanmiddag, in tweede lezing, het ontwerp-WVV goed. Het ontwerp wordt nu dus voorgelegd aan de plenaire vergadering.

Intussen werden ook twee flankerende fiscale wetsontwerpen voorgelegd aan de Kamer (hier en hier).

Het Wetsontwerp Goederenrecht: samenloopbestendigheid van zakelijke rechten, het vermogen, kwaliteitsrekeningen, en de fiducie

Een post door gastblogger Sander Baeyens

Op 31 oktober 2018 heeft de regering het Wetsontwerp Goederenrecht (hierna: het Wetsontwerp) ingediend in de Kamer. De hervorming van het Goederenrecht maakt deel uit van de hercodificatie van het Burgerlijk Wetboek onder leiding van minister van Justitie Koen Geens en gecoördineerd door professoren Eric Dirix en Patrick Wéry. Specifiek voor het Goederenrecht werden professoren Vincent Sagaert en Pascale Lecocq aangesteld om de hervormingspen vast te houden.

In het kader van deze blog is het interessant om kort stil te staan bij enkele artikelen van het Wetsontwerp die betrekking hebben op het vermogen van de schuldenaar als verhaalsobject voor de schuldeisers enerzijds en de zakelijke werking van afspraken die de verhaalsrechten van de schuldeisers beperken anderzijds. Continue reading “Het Wetsontwerp Goederenrecht: samenloopbestendigheid van zakelijke rechten, het vermogen, kwaliteitsrekeningen, en de fiducie”

Het geslacht der engelen: over de toepassing van art. 518bis W.Venn. op het Directiecomité en/of de Regentenraad van de NBB

Een post door gastblogger Tina Coen (aspirant FWO, VUB)

  1. Het verkeerde geslacht van de heer Steven Vanackere

Het beroert ondertussen al meer dan een week de maatschappelijke en politieke gemoederen, maar heeft sinds het interview van prof. I. De Poorter op Radio 1 een juridisch staartje gekregen:

Miskent de benoeming van oud-Minister van Financiën Steven Vanackere als lid van het Directiecomité de verplichte aanwezigheid van beide geslachten in de raad van bestuur van effectengenoteerde naamloze vennootschappen (artikel 518bis W.Venn.)?

Voorliggend probleem overstijgt evenwel deze ene benoeming. Op dit ogenblik telt het Directiecomité van de NBB 7 leden, wat na de aanstaande pensionering van de gouverneur tot 6 wordt herleid. artikel 518bis W.Venn. eist echter dat minstens één derde (af te ronden naar het dichtstbijzijnde absolute cijfer) van dit bestuursorgaan uit vrouwen moet bestaan.

Vindt artikel 518bis W.Venn. effectief toepassing op de Nationale Bank van België (“NBB”), dan moet het Directiecomité niet één maar twee vrouwelijke leden moet tellen en was met de vervrouwelijking van (het mandaat dat afgelopen donderdag aan) de heer Vanackere (werd toegekend) het probleem slechts gedeeltelijk opgelost.

Voorts heeft de media enkel aandacht voor het Directiecomité, terwijl de samenstelling van de Regentenraad evengoed aan artikel 518bis W.Venn. moet worden getoetst. Onder zijn 18 leden (de gouverneur, 7 directeurs en 10 regenten), is slechts één vrouw. Vindt artikel 518bis W.Venn. toepassing, dan zijn ook nog eens vijf regenten van het “verkeerde” geslacht.

Tijd om even de juridische puntjes op de i te zetten, maar dat blijkt niet zo eenvoudig. Continue reading “Het geslacht der engelen: over de toepassing van art. 518bis W.Venn. op het Directiecomité en/of de Regentenraad van de NBB”

Glen Weyl presents “Radical Markets” (co-written with E. Posner) at the Brussels’ campus of KU Leuven

Prof. Glen Weyl (Microsoft Research & Princeton University) will present his book “Radical Markets”, co-written by Prof. Eric Posner

Tuesday 4 December 2018 Glen Weyl, Principal Researcher at Microsoft Research and a Visiting Senior Research Scholar at Yale’s Law School and Economics Department, will present at the Brussels’ campus of KU Leuven his book “Radical Markets“, co-written with Eric Posner (University of Chicago).

The Economist called this book “(A)n arresting if eccentric manifesto for rebooting liberalism…the policies they advocate…may help jolt liberals out of their hand-wringing, and shape a new line of market-oriented thinking, as Milton Friedman’s ‘Capitalism and Freedom’ did…refreshing and welcome in its willingness to question received wisdom…(L)iberals must find some antidote to populism and protectionism. A little outlandishness may be necessary.” Nobel Prize laureat Jean Tirole commented: “Whether you are convinced by the specific proposals or not, your confidence in your worldview may well be shattered by the depth and originality of the analysis.
Continue reading “Glen Weyl presents “Radical Markets” (co-written with E. Posner) at the Brussels’ campus of KU Leuven”

Tekst ontwerp-WVV zoals goedgekeurd in eerste lezing door Kamercommissie Handelsrecht

Op de webpagina van de Kamer verscheen de tekst van de artikelen zoals goedgekeurd in eerste lezing door de kamercommissie. Zie een eerdere post over de verdere  parlementaire procedure.

Bestuurdersaansprakelijkheid, ernstig verwijt en de Belgische cap (vanuit Nederlands perspectief)

Een post door gastblogger O. Oost (Erasmus Universiteit Rotterdam)

1.

Een van de meest interessante wijzigingen in de huidige herziening van het Belgische vennootschapsrecht is de invoering van een wettelijke cap op de bestuurdersaansprakelijkheid. Afhankelijk van de grootte van de bestuurde vennootschap kunnen bestuurders slechts voor een bepaald bedrag aansprakelijk worden gesteld, welk maximumbedrag oploopt van 250.000 euro bij ‘kleine’ vennootschappen tot 12 miljoen euro bij grote en belangrijke vennootschappen. Zie voor meer hierover de verschillende eerdere posts op het Corporate Finance Lab.

2.

Over het algemeen wordt wel aanvaard dat het handelen van vennootschapsbestuurders beperkt moet worden getoetst, omdat de rechter niet op de stoel van de bestuurder moet plaatsnemen. Anders gezegd: een bestuurder moet niet te snel aansprakelijk kunnen worden gesteld voor schade die de vennootschap aanricht. Vaak wordt daartoe voorzien in een beperkte (marginale) toetsing van bestuurlijk gedrag, of een verhoogde drempel voor aansprakelijkheid. Redenen daarvoor zijn de bestuursautonomie, de gevaren van hindsight bias en het voorkomen van te zeer risicomijdend gedrag van bestuurders. De bestuurder moet te goeder trouw kunnen ondernemen zonder angst voor aansprakelijkheid. De Rotterdamse hoogleraar Kroeze ging in zijn oratie getiteld Bange bestuurders (2005) uitgebreid op deze en andere argumenten voor een beperking van de bestuurdersaansprakelijkheid in. Een van de dragende argumenten voor de Belgische cap was de constatering dat het bestuurdersaansprakelijkheidsrecht in België ‘strenger’ is voor bestuurders dan in de omliggende landen, omdat bijvoorbeeld kennelijk geen business judgment rule geldt en geen ernstigverwijtmaatstaf, zoals in Nederland (waarop ik terugkom vanaf nr. 5). In die zin is de cap als een alternatief te beschouwen voor een marginale toets van bestuurshandelen of een hogere drempel voor aansprakelijkheid. Continue reading “Bestuurdersaansprakelijkheid, ernstig verwijt en de Belgische cap (vanuit Nederlands perspectief)”

Boekhoudplicht in het nieuwe ondernemingsrecht: KB van 21 oktober 2018 tot uitvoering van art. III.82 t.e.m. III.95 WER

In het Belgisch Staatsblad van 29 oktober j.l. verscheen het Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen III.82 tot en met III.95 van het wetboek van Economisch recht.  De strekking van dit KB wordt toegelicht in het Verslag aan de KoningContinue reading “Boekhoudplicht in het nieuwe ondernemingsrecht: KB van 21 oktober 2018 tot uitvoering van art. III.82 t.e.m. III.95 WER”

Faillissementsfraude: civiel recht brengt enig soelaas

In het meest recente nummer van De Juristenkrant stippen Frederik De Leo en Roel Verheyden de burgerrechtelijke middelen aan waarover de curator en individuele schuldeisers beschikken wanneer zij geconfronteerd worden met faillissementsfraude. De aanleiding daartoe is een recente Panoreportage, waarin de zogenaamde phoenixing-praktijk aan de kaak werd gesteld. De auteurs schrijven daarover het volgende: Continue reading “Faillissementsfraude: civiel recht brengt enig soelaas”

Het pharmakon-gehalte van het economisch recht

Meer en meer wordt het huidige, op kapitalistische leest geschoeide, economische systeem – waarin economische groei en winstbejag de voornaamste drijfveren van het economisch gebeuren blijven uitmaken – in vraag gesteld. Ideologen, sociologen, historici, psychologen en zelfs economen wijzen erop dat, zo we op een duurzame en vredige wijze verder willen samenleven op onze planeet, het dringend anders moet en ook kan. Zo maken o.a. de pollutie van de leefomgeving, de uitputting van de natuurlijke grondstoffen, de toenemende inkomens- en vermogensongelijkheid fundamentele problemen uit die dringend aangepakt moeten worden, willen we ons en onze nakomelingen een leefbare toekomst kunnen bieden.

Opvallend is dat in dit hele debat de juristen afwezig blijven. Nochtans vertaalt regelgeving de economische waarden die onze maatschappij schragen en bepaalt zij het kader waarbinnen de economische activiteit te voeren is. Juridische basisconcepten, zoals de fundamentele mensenrechten of de notie openbare orde, laten toe om dit kader verder in te vullen in functie van de gehanteerde waarden. Diverse juridische concepten en constructies, zoals de vrije mededinging en de vrijheid van ondernemen, overeenkomsten, rechtspersoonlijkheid, intellectuele rechten, zijn instrumenten die een centrale rol spelen in de organisatie van de economische activiteit.

Met een lezingenreeks wil de Vakgroep Privaat en Economisch Recht van de VUB deze juridische stilte doorbreken. Na een aantal interdisciplinaire uiteenzettingen die de maatschappelijke context kaderen, zullen vooraanstaande juristen een reeks bestaande rechtsfiguren onder de loep nemen. De bedoeling daarbij is na te gaan of en hoe deze rechtsfiguren, in hun huidige vorm, de gewijzigde ingesteldheid die noodzakelijk is voor een duurzame samenleving, kunnen schragen dan wel of zij hiertoe aan verandering toe zijn, omdat zij katalysatoren zijn voor excessen die de bovenvermelde fundamentele problemen kunnen verergeren. Daarbij zal worden aangegeven of en hoe deze rechtsfiguren in de praktijk al kunnen worden aangewend om duurzame economische activiteiten te garanderen.

Restructuring of Corporate Groups: Conference on Rescue of Business in Insolvency Law

The European Law Institute (ELI) and Business and Liability Research Network (BLRN) of the Leiden Law School organise a conference on restructuring of corporate groups in the afternoon of 5 December 2018. ELI’s Business Rescue Report of Prof. Em. Bob Wessels and Prof. Stephan Madaus is the starting point for discussions on the treatment of insolvent corporate groups.

Bob Wessels (Leiden University) and Stephan Madaus (Halle-Wittenberg University, Germany) will introduce the ELI Business Rescue Report and the results of this European study with respect to restructuring of corporate groups in Europe. Prof. Joeri Vananroye (KU Leuven, Belgium) will discuss Belgian perspectives on corporate restructuring and Prof. Reinout Vriesendorp will elaborate on issues of director’s liability. Leiden Law School researchers Jessie Pool, Ilya Kokorin and Gert-Jan Boon will present a case study on corporate groups.

ELI Business Rescue Report

Continue reading “Restructuring of Corporate Groups: Conference on Rescue of Business in Insolvency Law”

Aandeelhoudersaansprakelijkheid, feitelijk bestuur en de forfaitaire beperking van bestuurdersaansprakelijkheid in het ontwerp-WVV

Een post door gastblogger Esther Goldschmidt

De aandeelhouder als feitelijk bestuurder

De bevoegdheden van een aandeelhouder binnen een vennootschap zijn beperkt tot de uitoefening van zijn aandeelhoudersrechten: het stemrecht binnen de algemene vergadering van aandeelhouders en bepaalde andere vermogensrechten en lidmaatschapsrechten. De uitoefening van de eigenlijke bestuurstaken is voorbehouden aan de raad van bestuur van de vennootschap en de bestuurders zijn hiervoor aansprakelijk. De formele afbakening van bevoegdheden van aandeelhouders (in het kader van de algemene vergadering) en bestuurders (in het kader van de raad van bestuur of een ander bestuurs- of vertegenwoordigingsorgaan), leidt tot de conclusie dat aandeelhouders principieel alle aansprakelijkheid voor daden van bestuur binnen de vennootschap ontlopen.

De mogelijkheid een aandeelhouder aansprakelijk te stellen als feitelijk bestuurder vormt een uitzondering op dit principe. Continue reading “Aandeelhoudersaansprakelijkheid, feitelijk bestuur en de forfaitaire beperking van bestuurdersaansprakelijkheid in het ontwerp-WVV”

Kamercommissie Handelsrecht keurt ontwerp-WVV goed ‘in eerste lezing’

De Kamercommissie Handelsrecht keurde deze namiddag het ontwerp-WVV goed. Er komt een tweede lezing om “de in eerste lezing aangenomen tekst” na een reflectieperiode nogmaals tegen het licht te houden. In commissie vindt de tweede lezing in principe ten vroegste plaats tien dagen nadat het commissieverslag en de door de commissie aangenomen tekst werden rondgedeeld.

Bij de tweede lezing kunnen amendementen worden ingediend op de in eerste lezing aangenomen tekst en kunnen, onder meer op grond van een wetgevingstechnische nota opgesteld door de diensten van de Kamer, wetgevingstechnische verbeteringen worden voorgesteld. Deze amendementen en verbeteringen kunnen in commissie geen aanleiding geven tot een derde lezing.

Uiteraard moet daarna de tekst goedgekeurd in tweede lezing, nog naar de plenaire vergadering.

bron parlementaire procedure: Kamer

 

Opnieuw: de Belgische ‘cap’ in de Nederlandse doctrine

“te veel risico’s van moral hazard en onbillijk jegens crediteuren en bestuurders zelf”

De Belgische ‘cap’ op bestuursaansprakelijkhied is wellicht het meest grensverleggende en omstreden deel van de Belgische hervorming van het vennootschapsrecht. Het krijgt dan ook relatief veel aandacht vanuit Nederland (zie eerder hier).

Met de recente bijdrage van O. Oost (Erasmus Universiteit Rotterdam) over “Een wettelijke cap op bestuurdersaansprakelijkheid naar Belgisch voorbeeld?” in WPNR 7211 dient  te worden vastgesteld dat het debat over de Belgische ‘cap’ meer aandacht kreeg in Nederlandse tijdschriften dan in Belgische. Dat is merkwaardig.

Mr. Oost concludeert zijn bijdrage over het Belgische voorstel als volgt:

“Het ‘plafonneren’ van de aansprakelijkheid is een interessante nieuwe richting voor het bestuurdersaansprakelijkheid, waarbij ik heb bezien of wij die in Nederland ook in zouden kunnen slaan. Na een bespreking van de redenen voor invoering van de beperking en een vergelijking met de huidige alternatieven naar Nederlands recht, te weten de vrijtekening, de vrijwaring en de verzekering, concludeer ik dat die alternatieven te prefereren zijn boven een cijfermatige aansprakelijkheidsbeperking.
Dit omdat de overwegingen om een maximering in te voeren niet allemaal overtuigen in de Nederlandse context, en omdat op zichzelf beschouwd te veel bezwaren kleven aan een maximering van aansprakelijkheid, gelet op (i) risico’s voor moral hazard, (ii) de soms onbillijke gevolgen van een maximering jegens een crediteur en (iii) de onbillijke uitwerking in voorkomende gevallen jegens de bestuurders zelf.”

Op 8 november houdt Prof. Dr. J. Vananroye (KU Leuven en TPR Wisselleerstoel houder aan de Universiteit Leiden) aan de Universiteit Leiden de Hazelhoff Guest Lecture over de Belgische ‘cap’vanuit een reflectie over beperkte aansprakelijkheid en de rol van bestuursaansprakelijkheid daarbij.

Aanstelling voorlopig bewindvoerder: een onderbenutte maatregel tegen frauduleus faillissement

Recent kwamen de gevolgen en werkwijze van frauduleuze faillissementen opnieuw in de publieke belangstelling.  In het recentste nummer van de Juristenkrant betoogt meester Vincent Verlaeckt dat er effectief middel bestaat tegen frauduleuze faillissementen en de gekende lege dozen: de (ambtshalve) aanstelling van een voorlopig bewindvoerder (artikel XX.32 WER).

Verlaeckt argumenteert dat door een tijdige ambtshalve interventie van de Voorzitter van de rechtbank van koophandel, enerzijds activa kunnen bewaard blijven die anders dreigen te verdwijnen op een bedrieglijke (of toch rangverstorende) manier en anderzijds insolvabele elementen sneller uit het handelsverkeer kunnen genomen worden, door een faillietverklaring op dagvaarding van de bewindvoerder.

Verlaeckt schrijft hierover over onder meer: Continue reading “Aanstelling voorlopig bewindvoerder: een onderbenutte maatregel tegen frauduleus faillissement”

Schuldeisers tegen uitkeringen en bevoordeling bij rechtspersonen

Lab rat Gillis Lindemans verdedigt op 29 oktober aan de KU Leuven zijn proefschrift: “Actio pauliana: remedie met toekomst voor schuldeisers van rechtspersonen”. Meer info vindt u hier. In deze post krijgt u alvast een voorsmaakje.

Als een schuldenaar zijn schuld niet betaalt, dan kan de schuldeiser beslag leggen op zijn goederen. Holt de schuldenaar zijn vermogen uit, dan dus ook het onderpand van zijn schuldeiser. De schuldeiser heeft daartegen een krachtige remedie: de actio pauliana. De schuldeiser kan daarmee rechtshandelingen aanvechten waarmee zijn schuldenaar hem bewust of bedrieglijk benadeelt.

Het lijkt daarbij van geen belang of de schuldenaar een natuurlijke persoon of een rechtspersoon is. Nochtans scheppen rechtspersonen een bijzonder risico.

Continue reading “Schuldeisers tegen uitkeringen en bevoordeling bij rechtspersonen”