2017 Heremans Lectures: Professor Larry DiMatteo (University of Florida) on the economic analysis of contract law

Closing Lecture, 2 March 2017 at 6 p.m. (Promotion Hall, Leuven)

The 2017 Dieter Heremans Lectures in Law & Economics at KU Leuven (Belgium) are given by Professor Larry A. DiMatteo (University of Florida).

You are kindly invited to the Closing Lecture, 2 March 2017 at 6 p.m. (Promotion Hall, Naamsestraat, Leuven, Belgium): Continue reading “2017 Heremans Lectures: Professor Larry DiMatteo (University of Florida) on the economic analysis of contract law”

De advocaat van de curator : een keuze onder dubbel toezicht

Een post door gastblogger Dr. Sven Sobrie

Iedereen is vrij om zijn verweer in rechte naar eigen goeddunken te organiseren. Die vrijheid omvat onder meer de vrije keuze van advocaat en de vrije keuze om überhaupt een advocaat onder de arm te nemen. Terwijl ook de faillissementscurator in beginsel van deze keuzevrijheid geniet, worden de keuzes die hij maakt wel nauwlettend in het oog gehouden. Hij zal zich tweemaal moeten verantwoorden. Continue reading “De advocaat van de curator : een keuze onder dubbel toezicht”

What are the duties of a shareholder?

Executive summary: same duties as everyone, but with a more punitive enforcement

In a recent post on the Oxford Business Law Blog Birkmose (Aarhus) and Möslein (Marburg) try to map shareholders’ duties: Continue reading “What are the duties of a shareholder?”

Are “common rules for all corporate forms” desirable or feasible?

Book II of the Belgian Company Code and the dangers of recycling antique legislative material

1.

Art. 1832 – 1873  of the Code civil (Title IX of Book III) dealt with the “contract of partnership” (du contrat de société). The articles outlined the rules for the unincorporated partnership.

In Belgium this type of partnership is currently known as “société de droit common” or “maatschap”. Continue reading “Are “common rules for all corporate forms” desirable or feasible?”

Intellectuele-eigendomsrechten als verhaalsobject

Proefschrift (Universiteit Utrecht) over verhaal van vorderingen door uitwinning van ie-rechten

Online is in open access een recent proefschrift beschikbaar over de uitwinning van intellectuele eigendomsrechten (“ie-rechten”).  Continue reading “Intellectuele-eigendomsrechten als verhaalsobject”

Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad

Sanctie in Belgisch recht, meer dan in Nederland, punitief karakter

Eerder kwam hier aan bod hoe in vele continentale systemen aan de “stille” of commanditaire vennoot een verbod wordt opgelegd om zich te mengen in het beheer van de vennootschap. Art. 20 al. 1 en 2 van het Nederlandse Wetboek van Koophandel (WvK) stellen over de commanditaire vennoot (“vennoot bij wijze van geldschieting”):

“Behoudens de uitzondering, in het tweede lid van art. 30 voorkomende, mag de naam van den vennoot bij wijze van geldschieting in de firma niet worden gebezigd.
Deze vennoot mag geene daad van beheer verrigten of in de zaken van de vennootschap werkzaam zijn, zelfs niet uit kracht eener volmagt.”

Continue reading “Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad”

De gevolgen van collectieve insolventieprocedures voor de executierechten van individuele schuldeisers

Nieuw boek van Mr Stan Brijs en Mr Rubben Lindemans bij Knops Publishing

Ons denken over de verhouding tussen de schuldeiser en de insolvabiliteit van debiteuren is de afgelopen jaren totaal veranderd, schrijft Professor Dirix in zijn inleidende beschouwing in Curatoren en vereffenaars: actuele ontwikkelingen III (“Het insolventierecht anno 2014”, Antwerpen, Intersentia, 2014, 3). Eén van de stuwende krachten die deze nieuwe denkwijze voedt, is de verschuiving binnen het insolventierecht van een individuele dimensie naar een collectieve dimensie. Continue reading “De gevolgen van collectieve insolventieprocedures voor de executierechten van individuele schuldeisers”

Morele wezens en wetsontduikende monniken

Een longread in kerstsfeer over de vereniging zonder rechtspersoonlijkheid

Wetsontduikende witheren

2 mei 1845. In Averbode wisselt de Norbertijn Jan-Zacharie Carleer, provisor van de Abdij, het tijdelijke voor het eeuwige. Zoals dat hoort bij een overleden geestelijke zijn er geen kinderen of  langstlevende echtgenoot noch andere reservataire erfgenamen. Bij testament had Carleer een andere Norbertijn van dezelfde abdij als algemeen erfgenaam aangesteld.

Er duikt echter een minder piëteitsvolle neef op, Jean-François Mertens, die de geldigheid van het legaat aanvecht en de erfenis opeist. Continue reading “Morele wezens en wetsontduikende monniken”

De garantie die België aan de financiële coöperaties van de Arco-groep heeft verleend, is in strijd met het Unierecht

Een garantieregeling is op zich niet onverenigbaar met de richtlijn inzake de
depositogarantiestelsels, maar zij moet stroken met het Verdrag en met name met de daarin
neergelegde staatssteunregels

Zie perscommuniqué over Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest in zaak C-76/15 Vervloet e.a. / Ministerraad

 

De grote sprong voorwaarts: een nieuw BW, een hervormd ondernemings- en insolventierecht, een nieuw vennootschaps- en verenigingsrecht en de opheffing van het W.Kh.

Minister Geens stelt plannen voor hercodificatie van basiswetgeving voor

Zie De sprong naar het recht van morgen: hercodificatie van de basiswetgeving voor de plannen die Minister van Justitie Koen Geens vandaag heeft bekendgemaakt.

En dan gaat het mis… 10 tips voor de bestuurder van een vennootschap in financiële moeilijkheden

Een gastblogpost door Alexander Suykens

Een belangrijke schuld van een vennootschap wordt eerstdaags opeisbaar en de financiering ervan is nog niet gegarandeerd. De financiële toestand van een vennootschap gaat onder een bepaalde ratio uit haar leningsovereenkomst met de bank, waardoor de lening in haar geheel opeisbaar wordt. Een vennootschap dingt mee voor een project om er weer bovenop te komen, maar indien dit mislukt rest er nog weinig hoop.

Allemaal situaties die een onduidelijke schemerperiode creëren. Op de korte termijn is insolventie voor deze vennootschappen een reële mogelijkheid, maar heerst er nog een gerechtvaardigd vertrouwen dat insolventie kan worden afgewend. Voor de bestuurders creëert dit ongemakkelijke keuzes. Continue reading “En dan gaat het mis… 10 tips voor de bestuurder van een vennootschap in financiële moeilijkheden”

Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap

Regels rond conventionele (familiale) onverdeeldheid volgen steeds meer die van maatschap

1.

Een dame  had met haar toenmalige partner  in 2000 een woning aankocht te Mortsel. Beiden kochten dit pand aan in “onderverdeeldheid met een beding van aanwas voor het vruchtgebruik op de onverdeelde helft van de overledene, op voorwaarde van blijvend samenwonen tot aan het vooroverlijden”. De partner overleed in 2009. De dame dagvaardt in 2011 de dochter van haar overleden partner (en diens enige reservataire erfgenaam) ten einde te horen zeggen voor recht dat zij het volledige vruchtgebruik heeft op het onroerend goed. De dochter vorderde de nietigheid of niet-tegenwerpelijkheid van het beding van aanwas en vorderde verder de verdeling van de onverdeeldheden. Continue reading “Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap”

Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?

Cass. 28 oktober 2016: de risico-aansprakelijkheid bij voorlopige uitvoering (art. 1398 al. 2 Ger.W.) geldt niet voor de vereffenaar die geen partij is – maar voor wie dan wel?

1.

Cass. 28 oktober 2016. Een vonnis in eerste aanleg spreekt met onmiddellijke ingang de gerechtelijk ontbinding uit en stelt een vereffenaar aan. Deze vereffenaar aanvaardt haar taak, stelt handelingen in het kader van de vereffening, heeft recht op erelonen en maakt kosten.

Er wordt door de vennootschap hoger beroep ingesteld. (Terzijde: het gewone bestuursorgaan wordt bij ontbinding vervangen door de vereffenaar, maar blijft nog wel bevoegd om rechtsmiddelen in te stellen namens de vennootschap). Dit hoger beroep wordt gegrond verklaard: de toestand van ontbinding wordt ingetrokken en het bestuur neemt terug de plaats in van de vereffenaar.

Hoe moet in zo’n geval het interregnum van de vereffenaar worden beoordeeld? Heeft de vereffenaar bv. recht op de erelonen die door de rechtbank in eerste aanleg werden toegekend? Continue reading “Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?”

Prijs Fernand Collin voor Recht 2016 toegekend aan Sofie Cools voor Leuvense thesis over bevoegdheidsverdeling tussen AV en RvB

“wegens het samengaan van origineel en goed doordacht interdisciplinair onderzoek, wetenschappelijke grondigheid, maatschappelijke relevantie en een voortreffelijke schrijfstijl”

De Fernand COLLIN-prijs 2016 wordt toegekend aan Sofie COOLS voor haar boek De bevoegdheidsverdeling tussen algemene vergadering en raad van bestuur in de NV, uitgegeven bij Roularta Media Group in 2015 (XXXII+732 pagina’s). Het boek is de handelsversie van het proefschrift waarmee mevrouw Cools in 2014 aan de KU Leuven promoveerde tot doctor in de rechten. Professor Koen Geens was promotor van het proefschrift.

De tweejaarlijkse Fernand COLLIN-prijs is een van de belangrijkste prijzen voor in het Nederlands geschreven juridisch wetenschappelijk werk. Hij wordt uitgereikt door de Universitaire Stichting.

De prijs, die in 1962 voor het eerst werd toegekend, is genoemd naar Fernand COLLIN, hoogleraar aan de KU Leuven en later voorzitter van de Kredietbank.

Over de gelauwerde

Dr. Sofie Cools (°1981) studeerde aan de KU Leuven en aan Harvard Law School. Zij was een tijd werkzaam in een groot advocatenkantoor en keerde terug naar de universiteit om te doctoreren. Na het behalen van haar doctoraatsdiploma werd zij Senior Research Fellow in het Max Planck Instituut voor rechtsvergelijking en internationaal privaatrecht te Hamburg. Zij werkt ook verder aan een doctoraatsproefschrift in Harvard.

Over het bekroonde werk

Zoals de titel van haar werk aangeeft, onderzoekt Sofie Cools de bevoegdheidsverdeling tussen de algemene vergadering en de raad van bestuur in de naamloze vennootschap. Haar onderzoek gaat over de naamloze vennootschap in het algemeen, maar heeft vooral belang voor beursgenoteerde vennootschappen.

Ze bepaalt eerst, aan de hand van inzichten uit de economische analyse van het recht (Economic Analysis of Law) hoe de beslissingsbevoegdheid optimaal verdeeld kan worden. Haar model gaat in de eerste plaats uit van de noodzaak om belangenconflicten te vermijden tussen het bestuur, agent van de vennootschap, en de vennootschap-opdrachtgever. Zij omschrijft het vennootschapsbelang hierbij als de aandeelhouderswaarde op lange termijn. In gevallen waar het gevaar bestaat dat de raad van bestuur zijn eigen belang stelt boven dat van de vennootschap, is het beter de algemene vergadering te laten beslissen, aangenomen dat het belang van de beslissing de (transactie)kosten voor het houden van algemene vergaderingen verantwoordt. Een andere doelstelling van haar model is te vermijden dat aandeelhouders misbruik maken van een meerderheidspositie of (wanneer de aandelen sterk verspreid zijn onder het publiek) van het absenteïsme op de algemene vergadering.

De auteur bespreekt vervolgens de verschillende soorten beslissingen die in een naamloze vennootschap moeten worden genomen en de belangenconflicten die hierbij kunnen rijzen.  Ze onderzoekt of de bestaande wettelijke regeling klopt met het model dat zij vooropstelt en doet aanbevelingen voor een verbetering van de huidige regelen. In een reeks gevallen beslist best het bestuur of, juist andersom, de algemene vergadering. In andere gevallen is zij voorstander van een meer gedifferentieerde vorm van samenwerking tussen de twee organen.

De jury bekroont Cools werk “wegens het samengaan van origineel en goed doordacht interdisciplinair onderzoek, wetenschappelijke grondigheid, maatschappelijke relevantie en een voortreffelijke schrijfstijl. Het maakt, zowel voor de rechtsleer als voor de praktijk, een waardevolle aanvulling uit op de belangrijke literatuur die de jongste jaren, in België, in het Nederlands tot stand kwam over vennootschapsrecht.

bron: persbericht Universitaire Stichting

 

 

Wetsontwerp Reparatiewet Nieuwe Pandwet

Inwerkingtreding opnieuw uitgesteld

Zie hier voor Wetsontwerp houdende de wijziging van verscheidene bepalingen betreffende de zakelijke zekerheden op roerende goederen. De datum van inwerkingtreding wordt uitgesteld van uiterlijk 1 januari 2017 naar 1 januari 2018.