‘Privaatrecht in actie!’, met empirisch onderzoek naar verdeling bij faillissement

Verslagboek conferentie empirisch onderzoek in het privaatrecht (18 mei 2018)

De laatste jaren wordt steeds vaker gepleit voor meer empirisch onderzoek door rechtswetenschappers. Het uitvoeren van empirisch onderzoek veronderstelt evenwel een beroep op andere methoden dan deze die gangbaar zijn in de klassieke, dogmatische rechtswetenschap. Klassiek geschoolde juristen zijn doorgaans weinig (of zelfs niet) met deze methoden vertrouwd, wat voor hen een drempel kan vormen om zelf empirisch onderzoek uit te voeren.

Op 18 mei 2018 organiseerde het Gentse Centrum voor Verbintenissenrecht een conferentie, voorgezeten door Eric Dirix (KU Leuven) over empirisch onderzoek in het privaatrecht. De bijdragen van de conferentie werden gebundeld in het boek Privaatrecht in Actie!, uitgegeven bij die Keure. Hiermee wilden de initiatiefnemers aantonen dat klassiek geschoolde juristen wel degelijk in staat zijn empirisch onderzoek te voeren, dat niet alleen het klassieke rechtswetenschappelijke onderzoek kan aanvullen, maar ook voor de rechtspraktijk nuttige inzichten kan opleveren. Continue reading “‘Privaatrecht in actie!’, met empirisch onderzoek naar verdeling bij faillissement”

Art. XX.227 WER sluit individuele vordering van een schuldeiser niet uit bij het kennelijk onredelijk verderzetten van een verlieslatende activiteit

J. Vananroye, “Aansprakelijkheidsvorderingen bij wrongful trading : de ‘uitsluitende bevoegdheid van de curator’ betekent niet ‘alleen de curator'”, TRV/RPS 2018, 274-252

In de rubriek “Amendement” van het laatste nummer van TRV/RPS schrijft Vananroye over  de vorderingsgerechtigden bij ‘wrongful trading’ (art. XX.227 WER). Hoewel deze rubriek gaat over voorgestelde wetswijzigingen, kan deze bijdrage ook gelezen worden als een standpunt omtrent de interpretatie van de vigerende regels:

“Voor individuele schade heeft een schuldeiser wel een eigen vorderingsrecht. Met de arresten Unac en Sefi heeft het Hof van Cassatie duidelijk gemaakt dat de curator níét de schadevergoedingsaanspraken van individuele schuldeisers bundelt.

Het typevoorbeeld van individuele schade ligt net in de sfeer van wrongful trading: de vordering die een schuldeiser heeft tegen een bestuurder omdat hij met de vennootschap contracteerde op basis van verkeerde financiële informatie of omdat zijn schuldvordering is ontstaan nadat de vennootschap reeds failliet verklaard had moeten worden. […]

Het komt ons voor dat ook op dit punt de wetgever niet heeft willen innoveren: art. XX.227 WER doet geen afbreuk aan individuele vorderingsrechten van schuldeisers voor hun persoonlijke schade. De “uitsluitende bevoegdheid” van de curator verwijst enkel naar de boedelvordering, niet naar de individuele vorderingen van schuldeisers.”

Zie voor posts over wrongful trading hier en over collectieve schade hier

 

Crypto-effecten: van badmeester tot bouwmeester

Een post door gastblogger Marc Van de Looverbosch

Het handelsrecht heeft zich vele eeuwen lang laten gelden als een betrouwbare handelspartner. Rechtszekerheid als ruggensteun. De wetgever die minzaam de gulzige rups overzet van blad naar blad: “fret mo, bichke“.[1]

Met de toenemende complexiteit van de financiële markten, en na de tussenkomst van enkele economische en financiële crisissen, besteedt het handelsrecht in de ruime zin thans het gros van zijn aandacht aan het vermijden en bestrijden van excessen die zich van tijd tot tijd manifesteren in de markt. De wetgever heeft zich de rol van badmeester eigen gemaakt. De kinderen mogen zich vermaken, zolang er maar niet wordt gelopen in het zwembad. MiFID II is nog niet verteerd, of de GDPR wordt reeds geserveerd. Continue reading “Crypto-effecten: van badmeester tot bouwmeester”

Uitvoerings-KB’s voor Boek XX in Staatsblad gepubliceerd

kosten en ereloon van insolventiefunctionaris & insolventie vrije beroepen

In de tweede editie van het Belgisch Staatsblad verschenen vandaag de volgende KB’s ter uitvoering van Boek XX dat op 1 mei 2018 in werking treedt :

  • het KB van 26 april 2018 houdende vaststelling van de regels en barema’s tot bepaling van de kosten en het ereloon van de insolventiefunctionarissen; en
  • het KB van 26 april 2018 houdende uitvoering van artikel XX.1, § 1, laatste lid, van het Wetboek van economisch recht wat betreft de toepassing van boek XX van het Wetboek van economisch recht op de beoefenaars van een vrij beroep

 

Wet van 15 april 2018 houdende hervorming van het ondernemingsrecht gepubliceerd in Staatsblad

De Wet Hervorming Ondernemingsrecht werd vandaag gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Zie over deze hervorming hier en hier.

Green financings surge in high liquidity markets

A post by guest bloggers Johan Mouraux and Cedric Hauben

The state of Belgium recently joined the club of sovereign “green” bond issuers preceded in Europe only by Poland and France. Under the last years’ market conditions of persistent low interest rates and high liquidity, both public and private sector stakeholders have developed a means to add value to their financing transactions. While bringing environmental and public benefits into the equation, fresh market opportunities are being created for all those involved.

Following this cross-sector trend, both the International Capital Markets Association (ICMA) and the Loan Market Association (LMA) have issued sets of guidelines for their primary fields of business, respectively named the Green Bond Principles (GBP) and Green Loan Principles (GLP). Both the GBP and GLP aim to provide a high-level framework of market standards and best practices, setting out a consistent methodology for use across the wholesale green financial markets.

What does green financing stand for? Continue reading “Green financings surge in high liquidity markets”

Finale tekst Wet Hervorming Ondernemingsrecht beschikbaar

De finale tekst van de Wet Hervorming Ondernemingsrecht – nog een wetsontwerp tot aan de ondertekening door de Koning – is beschikbaar op de website van de Kamer. Besprekingen van deze wet las u hier en hier.

‘Het voorgestelde Belgische kwantitatieve aansprakelijkheids-maximum verdient geen navolging in Nederland’

P. Broere en O. Oost: “De mythe van bestuurdersaansprakelijkheid”, Ars Aequi 2018

In het redactioneel van het april-nummer van het Nederlandse tijdschrift Ars Aequi schrijven Pjotr Broere (Radboud Nijmegen) en Olivier Oost (Erasmus Rotterdam) over de in België voorgenomen ‘cap’ op bestuursaansprakelijkheid.

Ze zijn kritisch over de gevolgen (“Nu bestuurdersaansprakelijkheid vaak pas aan de orde is als de vennootschap geen verhaal biedt, betekent dit dat de gelaedeerde voor de schade opdraait“) en de motivering van de voorgenomen regel (“Het wetsvoorstel lijkt ervan uit te gaan dat het aansprakelijkheidsrisico van bestuurders lastig te verzekeren is. Daarvoor bestaat echter geen empirische onderbouwing“). Zij besluiten :

“Een kwantitatieve aansprakelijkheidsbeperking in combinatie met een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering zou er, tot slot, naar Belgisch recht toe leiden dat een bestuurder behoudens bedrieglijk opzet in het geheel niet persoonlijk geraakt wordt door een bestuurdersaansprakelijkheidsvordering, hoe terecht die vordering ook moge zijn. Dit lijkt ons wenselijk noch afschrikwekkend. Vergoedend is het evenmin, als het schadebedrag althans het maximumbedrag te boven gaat. Het voorgestelde Belgische kwantitatieve aansprakelijkheidsmaximum verdient geen navolging in Nederland. Onzes inziens volstaatde hoge kwalitatieve drempel die voor bestuurdersaansprakelijkheid geldt. Aansprakelijkheid van bestuurders – het moet geen mythe worden.”

Continue reading “‘Het voorgestelde Belgische kwantitatieve aansprakelijkheids-maximum verdient geen navolging in Nederland’”

APR-prijs voor beste juridische meesterproef aan KU Leuven naar Bram Van Baelen over beslag op aandelen

“Het uitvoerend beslag op aandelen in een BVBA”, Master KU Leuven

De APR-prijs 2016-2017 (Algemene Praktische Rechtsverzameling) voor beste meesterproef aan de KU Leuven is toegekend aan Bram Van Baelen voor zijn thesis “Het uitvoerend beslag op aandelen in een BVBA”. Promotor van de meesterproef was Prof. Dr. Joeri Vananroye.

De meesterproef gaat over de verschillende hindernissen die de persoonlijke schuldeisers van aandeelhouders kunnen ondervinden wanneer zij uitvoerend beslag willen leggen op aandelen in een BVBA. In eerdere blogposts hier over het belang van beslag op aandelen in “organizational law” en over het beslag op aandelen naar Belgisch recht kon u reeds de probleemstelling lezen.

Over de auteur

IMG_1153Bram Van Baelen behaalde met grote onderscheiding zijn Master in de Rechten aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven (bachelor 2013-2015; master 2015-2017, major: Economisch recht/ minor: Publiekrecht) en werkt sindsdien als assistent aan het Jan Ronse Instituut voor Vennootschaps- en Financieel Recht waar hij een proefschrift voorbereidt. Tijdens het schrijven van de meesterproef was hij voorzitter van LOKO, de Leuvense Overkoepelende Kringenorganisatie.

Over de meesterproef

Continue reading “APR-prijs voor beste juridische meesterproef aan KU Leuven naar Bram Van Baelen over beslag op aandelen”

RPS-TRV Prijs naar Michiel D’herde voor masterproef over de toekomst van de vennootschap met sociaal oogmerk

“Apologie voor een miskende vennootschapsvorm” (master vennootschapsrecht, KU Leuven)

De TRV-RPS Prijs 2017 voor de beste meesterproef in het vennootschapsrecht aan een Belgische universiteit is toegekend aan meester Michiel D’herde voor zijn thesis “Apologie voor een miskende vennootschap”. Deze masterproef werd gemaakt in het kader van de aanvullende master vennootschapsrecht van de KU Leuven (campus Brussel). Promotor van de masterproef was Prof. Dr. Marleen Denef.

Zijn masterproef verdedigt de Belgische vennootschap met sociaal oogmerk (“VSO”) en benadert deze vanuit een rechtsvergelijkend perspectief, gecombineerd met een case study van drie ondernemingen. De volledige tekst van de masterproef is hier te lezen. Een geactualiseerde, herwerkte versie zal worden gepubliceerd in het TRV-RPS. U las eerder hier een blogpost van de bekroonde auteur over de VSO.

Over de gelauwerde auteur

michielMichiel D’herde heeft gestudeerd aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven (Bachelor 2011-2014; Master 2014-2016), waar hij afstudeerde magna cum laude (major: economisch recht; minor: sociaal recht). In 2017 behaalde hij een Master-na-Master in het Vennootschapsrecht aan de KU Leuven (magna cum laude). Sindsdien werkt hij als advocaat bij Quinz, binnen het departement Corporate, M&A en Life Sciences.

Over de masterproef

Continue reading “RPS-TRV Prijs naar Michiel D’herde voor masterproef over de toekomst van de vennootschap met sociaal oogmerk”

Exit het handelsrecht; een nieuw ondernemingsrecht verrijst vóór Pasen

Kamer keurt Wetsontwerp Hervorming Ondernemingsrecht goed

De Kamer keurde donderdagnacht het Wetsontwerp Hervorming Ondernemingsrecht goed. Hiermee neemt België na 211 jaar afscheid van de Code de Commerce van Napoleon.

Hierdoor zijn verregaande wijzigingen goedgekeurd aan het Wetboek Economisch Recht, het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Koophandel, het Wetboek van vennootschappen en het Gerechtelijk Wetboek. De notie ‘handelaar’ wordt afgeschaft, het Wetboek van koophandel verdwijnt als dusdanig, de rechtbanken van koophandel worden ondernemingsrechtbanken (en hun bevoegdheid wordt anders omschreven), de maatschap krijgt een plaats in het ondernemingsrecht, boek XIV WER over de marktpraktijken van vrije beroepen verdwijnt en bovenal wordt komt er een nieuw ‘formeel’ ondernemingsbegrip als basisbouwsteen.

De datum van inwerkingtreding is, behoudens uitzonderingen in beide richtingen, 1 november 2018.

Deze hervorming is de tweede “trein” van drie die toekomt in de hervorming van het ondernemingsrecht sensu lato door minister van justitie Koen Geens. Continue reading “Exit het handelsrecht; een nieuw ondernemingsrecht verrijst vóór Pasen”

Verminderen van actief is niet hetzelfde als vermeerderen van passief. Schade bij het kennelijk onredelijk verderzetten van een verlieslatende activiteit

Een post door gastblogger Vincent Verlaeckt

Het nieuwe artikel XX.227 WER zal vanaf 1 mei 2018 de grondslag wezen voor de aansprakelijkheidsvordering wegens het kennelijk onredelijk verderzetten van een verlieslatende activiteit (zie eerdere posts over wrongful trading). Niet de aansprakelijkheid op zich, doch wel de wettelijk verankerde verdeling van de opbrengst volgend uit dergelijke aansprakelijkheidsvordering, is (ver)nieuw(end). Continue reading “Verminderen van actief is niet hetzelfde als vermeerderen van passief. Schade bij het kennelijk onredelijk verderzetten van een verlieslatende activiteit”

‘Blauwe reeks’ Vennootschaps- en Financieel recht beschikbaar op Jurisquare

De (bijna) volledige zgn. “blauwe reeks” van het Jan Ronse Instituut (KU Leuven) is sinds kort  te consulteren op de digitale bibliotheek jurisquare.

De reeks omvat 27 proefschriften, verslagboeken en monografieën in het vennootschaps- en financieel recht. De reeks wordt uitgegeven bij Roularta (voorheen Biblo).

Wetsontwerp Hervorming Ondernemingsrecht: update

Vandaag begint de Kamercommissie Handelsrecht de bespreking in tweede lezing van het Wetontwerp Hervorming Ondernemingsrecht. Het Verslag van de eerste lezing door rapporteurs de Lamotte en Van der Donckt kan u hier vinden. Een bespreking van het wetsontwerp las u eerder hier.

AANVULLING 13/3/2018 – 13u: tekst werd goedgekeurd door de kamercommissie en gaat naar plenaire vergadering

European Private International Law at 50. Celebrating and Contemplating EEX and its Successors

Jura Falconis Conference 23 March 2018, 10 AM – 5:30 PM (College De Valk, Leuven)

In 2018 we celebrate the 50th year since the adoption of the 1968 Brussels Convention on jurisdiction and the enforcement of judgments in civil and commercial matters. The 1968 attempt to facilitate the free movement of judgments in the EU, helped lay the foundations for the exciting developments in European private international law which have occurred since. Many of the outstanding issues in what is now the Brussels I Recast (also known as EEX-bis; or Brussels Ibis) continue to have an impact on other parts of European civil procedure.

Co-organised by Leuven Law’s Institute of Private International Law and Jura Falconis, KU Leuven’s student law review, this event will consider, capita selecta wise, the application and implications of the Convention and its successors. It will also discuss the future direction of EU private international law both for civil and commercial matters, and for issues outside of commercial litigation. At a time when in most Member States the majority of commercial transactions have some kind of international element, this is a timely refresher for practitioners, judges, students and scholars alike.
PROGRAM Continue reading “European Private International Law at 50. Celebrating and Contemplating EEX and its Successors”