Het toepassingsgebied van de insolventieprocedures weldra significant uitgebreid?

Een nieuwerwets ondernemingsbegrip maakt zijn entrée

Een eerdere post meldde de publicatie vorige week van het wetsontwerp houdende invoeging van het Boek XX “Insolventie van ondernemingen”, in het Wetboek van Economisch Recht. Dit boek beoogt de huidige Faillissementswet en de Wet Continuïteit Ondernemingen te vervangen. Spectaculair in dit ontwerp is  de uitbreiding van het toepassingsgebied van de insolventieprocedures (het voorgestelde Art. XX.1. §  1. WER). Twee wijzigingen springen daarbij in het oog: 

  1. Beide insolventieprocedures worden opensteld voor alle ondernemingen. De faillissementsprocedure staat onder het huidig recht enkel open voor ondernemingen die de kwalificatie “handelaar” krijgen.
  2. Het begrip “onderneming” wordt uitgebreid. Meer dan in het huidig recht het geval is wordt de vorm belangrijker dan de aard van de activiteiten. Een onderneming is meer een undertaking dan een business. Dit maakt de kwalificatie makkelijk en vergroot de rechtszekerheid.

Kort gezegd zullen als onderneming gelden voor boek XX, en dus onderworpen zijn aan faillissement en gerechtelijke reorganisatie:

  1. iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent, dus ook met inbegrip van beoefenaars van een vrij beroep;
  2. iedere rechtspersoon, dus ook met inbegrip van VZW’s en stichtingen, zelfs indien ze geen goederen of diensten aanbieden op een markt, maar met uitzondering van publiekrechtelijke rechtspersonen;
  3. iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid, tenzij ze geen winstuitkering doet of beoogt te doen. Dus concreet: wél maatschappen en andere vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid, niét de zgn. ‘feitelijke verenigingen’.

Het kan verwacht worden dat de wetgever dit nieuwe ondernemingsbegrip ook als inspiratiebron zal gebruiken voor andere regels van ondernemingsrecht. Eerder kondigde de minister van justitie immers aan dat het begrip ‘handelaar’ of ‘koopman’  zal verdwijnen en dat de bestaande ondernemingsbegrippen op eenvormige leest worden geschoeid.

Nieuw is ook dat de maatschap voor het eerst wordt ingekaderd in het ondernemingsrecht. Sinds de Wet van 13 april 1995 kent ons recht immers een commerciële maatschap; daarvoor was de maatschap altijd burgerlijk. Bij de invoering van de commerciële maatschap werd echter verzuimd om de maatschap in te passen in het handels- of ondernemingsrecht. Zoals u eerder hier kon lezen, is er geen goede reden om de maatschap bv. te onttrekken aan het insolventierecht. Het ontwerp komt hier aan tegemoet.

Een overzicht van wat de voorgenomen wijzigingen betekenen voor enkele bekende rechtsvormen:

Capture

Joeri Vananroye

Author: Joeri Vananroye

Professor of economic analysis of law (KU Leuven), attorney (Quinz)

3 thoughts on “Het toepassingsgebied van de insolventieprocedures weldra significant uitgebreid?”

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s