Ontwerp-WVV: hoe gemeen is het personenvennootschapsrecht?

Kloof tussen maatschap en onverdeeldheid wordt groter

Het ontwerp van WVV brengt personenvennootschappen (maatschap, stille vennootschap, VOF en  CommV) samen in boek 4. Dit boek herneemt heel wat van de bestaande inhoud van de volgende boeken van het W.Venn:

  • boek II (“Bepalingen gemeenschappelijk aan alle vennootschappen”);
  • boek III (“maatschap, TV en SV”); en
  • boek V (“VOF en CommV”).

De wijziging van structuur en de verplaatsing van bepalingen heeft juridische gevolgen, zelfs als die bepalingen niet inhoudelijk wijzigingen. Opmerkelijk is dat de belangrijkste gevolgen van deze Umschung gelden voor de andere vennootschappen, zoals een NV, BV of CV. Continue reading “Ontwerp-WVV: hoe gemeen is het personenvennootschapsrecht?”

‘Cuivre & Zinc’ wordt dertig

Cass. 20 juni 1988, TRV 1989, 540, noot P. Callens en S. Stijns: “Schijnvertegenwoordiging: een keerpunt!”

Wie met de trein Brussel-Zuid uitrijdt richting Gent of Parijs ziet onmiddellijk na het vertrek aan zijn rechterzijde in contrasterend metselwerk het opschrift van het Brussels magazijn van de voormalige Luikse Sociéte Anonyme des Usines à Cuivre et à Zinc. Dit magazijn bevindt zich in de Anderlechtse Tweestationsstraat, die Brussel-Zuid verbindt met het voormalige goederenstation Klein-Eiland.

De Belgische jurist kent de Usines à Cuivre et à Zinc, een voormalig kroonjuweel van de Luikse metaalindustrie, vooral van het Cuivre et Zinc-arrest van 20 juni 1988, dat morgen dertig wordt. Ik herinner me nog levendig de verbijstering bij professor Walter van Gerven in een les verbintenissenrecht in tweede kandidatuur rechten in 1993 toen hij zich realiseerde dat niemand in een cinemazaal vol studenten al gehoord had van dit arrest; de verwachtingen gesteld aan het middelbaar onderwijs waren toen duidelijker hoger dan nu.  Continue reading “‘Cuivre & Zinc’ wordt dertig”

Simple comme bonjour: wat de Wet Hervorming Ondernemingsrecht wijzigt aan het vennootschapsrecht

Hoofdelijkheid zal voor elke maatschap gelden

De hervorming van het ondernemingsrecht sensu lato van minister van justitie Koen Geens gebeurt in drie grote golven: (i) het insolventierecht in Boek XX WER ingevoerd bij Wet van 11 augustus 2017; (ii) het ondernemingsrecht sensu stricto vorige maand in de Kamer goedgekeurd, met inwerkingtreding op 1 november 2018, en (iii) het vennootschaps-, verenigingen- en stichtingsrecht dat de parlementaire processie nog moet starten.

De tweede golf – laten we het Wet Hervorming Ondernemingsrecht noemen, ook al is dat voorbarig zolang de Koning er zijn Filip niet heeft ondergezet – bevat reeds enkele wijzigingen aan het vennootschapsrecht, ingegeven door de afschaffing van de notie handelaar. Dit zijn niet de tien exotische vennootschapsvogels in de lucht waarvoor u elke dag een e-mailuitnodiging krijgt voor een nieuwe studiedag, wel een bescheiden vogel in de hand. Bescheiden, maar soms toch met vérstrekkende gevolgen:  Continue reading “Simple comme bonjour: wat de Wet Hervorming Ondernemingsrecht wijzigt aan het vennootschapsrecht”

Een rechtspersoon, het komt in de beste families voor

Cass. 10 februari 2017 (F.16.0027.N) over het gunsttarief in de Vlaamse erfbelasting

Kan wie vandaag geen natuurlijke persoon als valentijnsdate krijgt opgescharreld, even veel bevrediging vinden bij een rechtspersoon? Een arrest van het Hof van Cassatie  van 10 februari 2017 (F.16.0027.N) over de Vlaamse regels inzake erfbelasting geeft weinig hoop.

De Vlaamse erfbelasting voorziet een verlaagd tarief voor de verkrijging van aandelen uitgegeven door een familiale vennootschap.  Eén van de voorwaarden is dat de aandelen van de vennootschap op het ogenblik van het overlijden voor ten minste 50% in volle eigendom toebehoren aan de erflater en zijn familie. De wettekst definiëert ‘familie’ als familieleden in de gebruikelijke zin, zoals de partner, ouders, kinderen, broers en zussen.

Hoe zit het nu met de aandelen die worden gehouden door een andere vennootschap met rechtspersoonlijkheid die wordt gecontroleerd door zulke ‘fysieke’ familieden? Moeten deze aandelen die toebehoren aan déze familiale holdingvennootschap – die dus aandelen houdt in een andere vennootschap om wiens aandelen het gaat – ook beschouwd worden als toebehorende “aan de erflater en zijn familie”?

Continue reading “Een rechtspersoon, het komt in de beste families voor”

De insolventie van een V.O.F. of maatschap in Boek XX WER

Nieuwe regels voor insolventie van ondernemingen met onbeperkt aansprakelijke vennoten

De Wet van 11 augustus 2017 houdende invoeging van het boek XX “Insolventie van ondernemingen heeft voor de bepaling van het toepassingsgebied van het faillissement en de gerechtelijke reorganisatie een nieuwe ondernemingsdefinitie ingevoerd in art.  XX.1 § 1. In het eerde lid (c) wordt vermeld: “iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid” In het tweede lid (a) wordt uitgesloten: “iedere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid die geen uitkeringsoogmerk heeft en die ook in feite geen uitkeringen verricht aan haar leden of aan personen die een beslissende invloed uitoefenen op het beleid van de organisatie.”

Concreet betekent dit dat maatschappen en andere vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid wel aan het insolventierecht zijn onderworden, maar niét de zgn. ‘feitelijke verenigingen’.

Daarmee wordt met Boek XX de maatschap voor het eerst ingekaderd in het ondernemingsrecht. Sinds de Wet van 13 april 1995 kent ons recht immers een commerciële maatschap; daarvoor was de maatschap altijd burgerlijk. Bij de invoering van de commerciële maatschap werd echter verzuimd om de maatschap in te passen in het handels- of ondernemingsrecht.

Dit past in een evolutie waarbij faillissement en reorganisatie worden opgesteld voor alle ondernemingen. Het wordt zelf onafwendbaar als de maatschap duidelijk als afgescheiden vermogen wordt herkend. Als er een onverdeelde boedel van maatschapsgoederen is waarop de maatschapsschuldeisers bevoorrecht zijn, is het nuttig om de zelfstandigheid van deze boedel ook in het insolventierecht te erkennen (zie meer op https://corporatefinancelab.org/2016/10/01/de-maatschap-mag-failliet/).

Van de gelegenheid heeft de wetgever gebruik gemaakt om de regels voor alle vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid (de maatschappen zonder rechtspersoonlijkheid en onvolkomen rechtspersonen zoals de V.O.F.) op te frissen. Daar gaan we in deze post op in. Continue reading “De insolventie van een V.O.F. of maatschap in Boek XX WER”

De insolventie van maatschap, VOF en Comm.V: weldra een geconsolideerde procedure voor vennootschap en vennoten?

Een voorstel van amendement door gastblogger Julie Cuppens

Het wetsontwerp (zie voor eerdere posts hier) tot hervorming van het insolventierecht stelt het faillissement en de gerechtelijke reorganisatie open voor de maatschap (art. XX. 1. §1, eerste lid c) WER). De memorie van toelichting bij het wetsontwerp verwijst voor de verantwoording daarvan onder meer naar een van de eerste posts op deze blog (Kamer 2016-17, nr. 2407/001, p 25).

Het wetsontwerp voorziet met het voorgestelde nieuwe artikel XX. 103. lid 2 en 3 uitdrukkelijk dat de maat wordt betrokken in de faillissementsprocedure tegen de maatschap: Continue reading “De insolventie van maatschap, VOF en Comm.V: weldra een geconsolideerde procedure voor vennootschap en vennoten?”

‘Des moeurs d’une simplicité admirable’: over de ‘algemene maatschap’

Over het subversieve karakter van de maatschap

1.

Het Burgerlijk Wetboek kende van 1804 tot 1999 bepalingen rond de “algemene vennootschap”, in de terminologie van vandaag de “algemene maatschap”. Deze artikelen stellen ook voor de hedendaagse civilist –  zo zulks bestaat –  interessante thema’s aan de orde rond bepaalbaarheid van voorwerp, interpretatie of wetsontduiking:  Continue reading “‘Des moeurs d’une simplicité admirable’: over de ‘algemene maatschap’”

%d bloggers like this: