Weldra iedereen business angel? Crowdfunding als alternatieve financieringsvorm

Een gastblogpost door Jasper Van Eetvelde

crowdfundinh

Inleiding

Op het eerste gezicht hebben de vervanging van een wagen die tijdens de staking van 6 november 2014 in Brussel werd vernield, de verkiezingscampagne van president Obama in 2008 en het project Hollywood aan de Schelde van Belgische regisseur Robbe De Hert weinig met elkaar gemeen. Een aandachtige lezer weet evenwel dat deze projecten minstens gedeeltelijk een beroep deden op crowdfunding. Wat het laatste voorbeeld betreft, werd op het moment van schrijven reeds 19.735 euro van de vooropgestelde 100.000 euro gevonden. De populariteit van crowdfunding, een ‘alternatieve’ financieringswijze, steeg de laatste jaren aanzienlijk. Het succes van dit fenomeen leidde er zelfs toe dat de stimulering en de betere omkadering ervan als een prioriteit werden vermeld op de agenda van de regering in het regeerakkoord van 9 oktober 2014.

Continue reading “Weldra iedereen business angel? Crowdfunding als alternatieve financieringsvorm”

De Onzichtbare Klant: de verlokkingen van een vennootschapsadvocaat

De driehoeksrelatie tussen een vennootschap, haar mandatarissen en haar advocaat

Stel: u bent advocaat en treedt op voor een vennootschap. U verneemt dat mandatarissen binnen de vennootschap frauduleuze praktijken bekokstoven. Moet u ingrijpen? Of stel dat u instructies krijgt die u bedrijfseconomisch schadelijk lijken. Kan u daartegen optreden, of moet u doen wat u gevraagd wordt? Wat indien u gevraagd wordt te zetelen in de raad van bestuur van uw cliënte? Kan dat zomaar? Continue reading “De Onzichtbare Klant: de verlokkingen van een vennootschapsadvocaat”

Intellectuele-eigendomsrechten als verhaalsobject

Proefschrift (Universiteit Utrecht) over verhaal van vorderingen door uitwinning van ie-rechten

Online is in open access een recent proefschrift beschikbaar over de uitwinning van intellectuele eigendomsrechten (“ie-rechten”).  Continue reading “Intellectuele-eigendomsrechten als verhaalsobject”

Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad

Sanctie in Belgisch recht, meer dan in Nederland, punitief karakter

Eerder kwam hier aan bod hoe in vele continentale systemen aan de “stille” of commanditaire vennoot een verbod wordt opgelegd om zich te mengen in het beheer van de vennootschap. Art. 20 al. 1 en 2 van het Nederlandse Wetboek van Koophandel (WvK) stellen over de commanditaire vennoot (“vennoot bij wijze van geldschieting”):

“Behoudens de uitzondering, in het tweede lid van art. 30 voorkomende, mag de naam van den vennoot bij wijze van geldschieting in de firma niet worden gebezigd.
Deze vennoot mag geene daad van beheer verrigten of in de zaken van de vennootschap werkzaam zijn, zelfs niet uit kracht eener volmagt.”

Continue reading “Aansprakelijkheid van commanditaire vennoot bij schending inmengingsverbod: nieuw arrest Hoge Raad”

De gevolgen van collectieve insolventieprocedures voor de executierechten van individuele schuldeisers

Nieuw boek van Mr Stan Brijs en Mr Rubben Lindemans bij Knops Publishing

Ons denken over de verhouding tussen de schuldeiser en de insolvabiliteit van debiteuren is de afgelopen jaren totaal veranderd, schrijft Professor Dirix in zijn inleidende beschouwing in Curatoren en vereffenaars: actuele ontwikkelingen III (“Het insolventierecht anno 2014”, Antwerpen, Intersentia, 2014, 3). Eén van de stuwende krachten die deze nieuwe denkwijze voedt, is de verschuiving binnen het insolventierecht van een individuele dimensie naar een collectieve dimensie. Continue reading “De gevolgen van collectieve insolventieprocedures voor de executierechten van individuele schuldeisers”

Morele wezens en wetsontduikende monniken

Een longread in kerstsfeer over de vereniging zonder rechtspersoonlijkheid

Wetsontduikende witheren

2 mei 1845. In Averbode wisselt de Norbertijn Jan-Zacharie Carleer, provisor van de Abdij, het tijdelijke voor het eeuwige. Zoals dat hoort bij een overleden geestelijke zijn er geen kinderen of  langstlevende echtgenoot noch andere reservataire erfgenamen. Bij testament had Carleer een andere Norbertijn van dezelfde abdij als algemeen erfgenaam aangesteld.

Er duikt echter een minder piëteitsvolle neef op, Jean-François Mertens, die de geldigheid van het legaat aanvecht en de erfenis opeist. Continue reading “Morele wezens en wetsontduikende monniken”

Hof van Justitie spreekt zich uit over Arco: garantie strijdig met unierecht

In een eerder bericht werd reeds gemeld dat het Hof van Justitie vandaag heeft beslist dat de Belgische Arco-garantie strijdig is met het Unierecht (met verwijzing naar het persbericht van het Hof van Justitie zelf).

Sinds kort is ook de uitspraak zelf van het Hof online beschikbaar. in dit bericht wordt deze uitspraak gesitueerd vanuit een Belgisch-Europese invalshoek. In essentie stelt het Hof dat:

  1. depositogarantiesystemen in principe bedoeld zijn om spaargelden  te beschermen (en niet om aandelen in bepaalde coöperaties te beschermen);
  2. de Europese Depositogarantierichtlijn België niet verplicht om  aandelen van erkende coöperatieve vennootschappen die actief zijn in de financiële sector te beschermen, zoals in het voorliggende geval is gebeurd;
  3. het op zich niet onverenigbaar is met deze richtlijn dat een depositogarantiestelsel wordt uitgebreid tot aandelen van coöperatieve vennootschappen, maar het aan het Grondwettelijk Hof is om een dergelijke garantieregeling uiteindelijk goed te keuren;
  4. het standpunt van de Commissie in het besluit over het aanmerken van de Arco-garantie als onrechtmatige en met de interne markt onverenigbare staatssteun (alleen al omdat de maatregel door België niet tijdig werd aangemeld) terecht is.

Continue reading “Hof van Justitie spreekt zich uit over Arco: garantie strijdig met unierecht”

De garantie die België aan de financiële coöperaties van de Arco-groep heeft verleend, is in strijd met het Unierecht

Een garantieregeling is op zich niet onverenigbaar met de richtlijn inzake de
depositogarantiestelsels, maar zij moet stroken met het Verdrag en met name met de daarin
neergelegde staatssteunregels

Zie perscommuniqué over Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest in zaak C-76/15 Vervloet e.a. / Ministerraad

 

Recente ontwikkelingen in het insolventierecht: overzicht van rechtspraak 2015-2016

In het raam van de grondige studie Insolventierecht aan de Rechtsfaculteit van de UA wordt sinds negen jaar op het einde van het semester een studieavond georganiseerd waarbij een groep masterstudenten hun bevindingen voorstellen aan het geïnteresseerd publiek.

De nieuwste editie van deze studieavond, die betrekking heeft op de jaargang 2015-2016, gaat door op woensdag 21 december 2016 om 19u in lokaal R001 (Stadscampus UA, R-blok).

Tijdens de studieavond zullen een aantal studenten toelichting geven bij het overzicht van rechtspraak dat werd samengesteld in het raam van de grondige studie. Alle studenten hebben een wetenschappelijke noot geschreven bij een recent vonnis of arrest m.b.t. insolventierecht. Een samenvatting van alle onderzochte rechtspraak wordt gebundeld tot een kort overzicht van rechtspraak. Het betreft zowel gepubliceerde als niet-gepubliceerde uitspraken over zekerheden, gerechtelijke reorganisatie, faillissement en collectieve schuldenregeling. Een selectie van de uitspraken uit het overzicht zal tijdens de studieavond becommentarieerd worden, het volledige overzicht van rechtspraak wordt als documentatie ter beschikking gesteld.

Deelname is gratis en iedereen is welkom. Meer info: melissa.vanmeenen@uantwerpen.be

De grote sprong voorwaarts: een nieuw BW, een hervormd ondernemings- en insolventierecht, een nieuw vennootschaps- en verenigingsrecht en de opheffing van het W.Kh.

Minister Geens stelt plannen voor hercodificatie van basiswetgeving voor

Zie De sprong naar het recht van morgen: hercodificatie van de basiswetgeving voor de plannen die Minister van Justitie Koen Geens vandaag heeft bekendgemaakt.

Is het bestuur of de commissaris van de moedervennootschap aansprakelijk in het geval van een éénhoofdige dochtervennootschap?

Rechtbank van Koophandel te Antwerpen (afd. Turnhout) 8 november 2016

Een moedervennootschap bezit alle aandelen in een NV. Indien deze situatie van éénhoofdigheid langer dan een jaar duurt wordt de moedervennootschap onbeperkt aansprakelijk voor de dochtervennootschap (art. 646 W.Venn. – zie eerder arrest). Dit veroorzaakt een aanzienlijke verhoging van de schulden van de moedervennootschap (en bijgevolg een toename van de passiva in de faillissementsboedel indien de moedervennootschap failliet zou gaan). Leidt deze situatie tot de aansprakelijkheid van de bestuurders of de commissaris van de moedervennootschap? Deze vraag was aan de orde in een recent vonnis van de rechtbank van Koophandel te Antwerpen (afdeling Turnhout) van 8 november 2016 (A/14/03347 – inzake faillissement Waegener Group NV). Continue reading “Is het bestuur of de commissaris van de moedervennootschap aansprakelijk in het geval van een éénhoofdige dochtervennootschap?”

En dan gaat het mis… 10 tips voor de bestuurder van een vennootschap in financiële moeilijkheden

Een gastblogpost door Alexander Suykens

Een belangrijke schuld van een vennootschap wordt eerstdaags opeisbaar en de financiering ervan is nog niet gegarandeerd. De financiële toestand van een vennootschap gaat onder een bepaalde ratio uit haar leningsovereenkomst met de bank, waardoor de lening in haar geheel opeisbaar wordt. Een vennootschap dingt mee voor een project om er weer bovenop te komen, maar indien dit mislukt rest er nog weinig hoop.

Allemaal situaties die een onduidelijke schemerperiode creëren. Op de korte termijn is insolventie voor deze vennootschappen een reële mogelijkheid, maar heerst er nog een gerechtvaardigd vertrouwen dat insolventie kan worden afgewend. Voor de bestuurders creëert dit ongemakkelijke keuzes. Continue reading “En dan gaat het mis… 10 tips voor de bestuurder van een vennootschap in financiële moeilijkheden”

Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap

Regels rond conventionele (familiale) onverdeeldheid volgen steeds meer die van maatschap

1.

Een dame  had met haar toenmalige partner  in 2000 een woning aankocht te Mortsel. Beiden kochten dit pand aan in “onderverdeeldheid met een beding van aanwas voor het vruchtgebruik op de onverdeelde helft van de overledene, op voorwaarde van blijvend samenwonen tot aan het vooroverlijden”. De partner overleed in 2009. De dame dagvaardt in 2011 de dochter van haar overleden partner (en diens enige reservataire erfgenaam) ten einde te horen zeggen voor recht dat zij het volledige vruchtgebruik heeft op het onroerend goed. De dochter vorderde de nietigheid of niet-tegenwerpelijkheid van het beding van aanwas en vorderde verder de verdeling van de onverdeeldheden. Continue reading “Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap”

Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?

Cass. 28 oktober 2016: de risico-aansprakelijkheid bij voorlopige uitvoering (art. 1398 al. 2 Ger.W.) geldt niet voor de vereffenaar die geen partij is – maar voor wie dan wel?

1.

Cass. 28 oktober 2016. Een vonnis in eerste aanleg spreekt met onmiddellijke ingang de gerechtelijk ontbinding uit en stelt een vereffenaar aan. Deze vereffenaar aanvaardt haar taak, stelt handelingen in het kader van de vereffening, heeft recht op erelonen en maakt kosten.

Er wordt door de vennootschap hoger beroep ingesteld. (Terzijde: het gewone bestuursorgaan wordt bij ontbinding vervangen door de vereffenaar, maar blijft nog wel bevoegd om rechtsmiddelen in te stellen namens de vennootschap). Dit hoger beroep wordt gegrond verklaard: de toestand van ontbinding wordt ingetrokken en het bestuur neemt terug de plaats in van de vereffenaar.

Hoe moet in zo’n geval het interregnum van de vereffenaar worden beoordeeld? Heeft de vereffenaar bv. recht op de erelonen die door de rechtbank in eerste aanleg werden toegekend? Continue reading “Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?”

Rechtspersoonlijkheid voor robots?

robot

Volgens sommige voorspellingen zullen 1/3 van de bestaande jobs in 2025 uitgeoefend worden door robots. Deze voorspelling voor de nabije toekomst stelt het recht voor uitdagingen die niet langer als science fiction afgedaan kunnen worden. Een belangrijke vraag in dit verband betreft het juridische statuut van robots. Continue reading “Rechtspersoonlijkheid voor robots?”