Wie is een ‘aangestelde’ van de rechtspersoon in de zin van art. 35 Ger.W.?

Cassatie over betekening aan zetel van een rechtspersoon

Artikel 35, eerste en tweede lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat indien de betekening niet aan de persoon kan worden gedaan, deze aan de woonplaats of gewone verblijfplaats van de geadresseerde dan wel, voor een rechtspersoon, aan de maatschappelijke of administratieve zetel gebeurt. Hierbij wordt de akte ter hand gesteld aan een bloedverwant, een aanverwant, een dienstbode of een aangestelde van de geadresseerde.

Volgens het Hof van Cassatie in een arrest van 2 mei 2017 is er sprake van een aangestelde in de zin van deze bepalingen:  Continue reading “Wie is een ‘aangestelde’ van de rechtspersoon in de zin van art. 35 Ger.W.?”

Wanneer vandaag plots eerder blijkt plaats te vinden: Cassatie over invulling van de bijzondere bestuursaansprakelijkheid voor RSZ-schulden

Uitspraak met belangrijke gevolgen voor o.a. bestuurders in vennootschapsgroepen

Drie BVBA’s met dezelfde zaakvoerder worden failliet verklaard, elk met openstaande sociale schulden. De faillietverklaring vindt plaats op volgende tijdstippen:

  • De eerste BVBA op 13 oktober 2009
  • De tweede en derde BVBA op 13 september 2012

Volgens art. 265, §2 W.Venn. kan een zaakvoerder van een BVBA hoofdelijk aansprakelijk worden gehouden voor het geheel of een deel van alle op het ogenblik van de uitspraak van het faillissement verschuldigde sociale schulden indien hij in de loop van vijf jaar voorafgaand aan de faillietverklaring betrokken was bij minstens twee faillissementen met openstaande schulden ten aanzien van de RSZ.[1]

Kan de curator deze zaakvoerder op grond van dit artikel hoofdelijk aanspreken voor (een deel van) de sociale schulden van het derde faillissement? Het Hof van Cassatie zegt in een recent arrest (Cass. 7 april 2017, C.16.0390.N/1) dat dit mogelijk is. Continue reading “Wanneer vandaag plots eerder blijkt plaats te vinden: Cassatie over invulling van de bijzondere bestuursaansprakelijkheid voor RSZ-schulden”

Over de ex nunc-werking van constitutieve vonnissen in het vennootschaps- en insolventierecht

Recente arresten van de Hoge Raad en het Hof van Cassatie over hervorming faillissements- en vereffeningsvonnissen

In een arrest van 11 november 2016 (ECLI:NL:HR:2016:2577) bevestigt de Hoge Raad dat de faillissementstoestand van een gefailleerde voortduurt tot de uitspraak waarmee de faillietverklaring werd vernietigd kracht van gewijsde heeft verkregen. Handelingen die de curator verrichtte voordat de vernietiging van het faillissementsvonnis kracht van gewijsde verkreeg, blijven nadien overeind. Hieruit blijkt dat de rechtstoestand gecreëerd door een faillissementsvonnis niet retroactief wordt tenietgedaan bij een latere hervorming, wat wij in een eerdere blogpost reeds argumenteerden naar aanleiding van een Belgisch arrest van het Hof van Cassatie. Continue reading “Over de ex nunc-werking van constitutieve vonnissen in het vennootschaps- en insolventierecht”

`Je est un autre´: cassatie over de doorbraak van beperkte aansprakelijkheid op grond van algemene voorwaarden

Cass 27 januari 2017 over algemene voorwaarden die bestuurder aanduiden als medeschuldenaar

Een vennootschap die voertuigen huurde gaat failliet waardoor de huursom niet volledig wordt betaald. De verhuurder zoekt verhaal bij een bestuurder van de gefaillieerde vennootschap die als orgaan van de vennootschap de huurovereenkomst had ondertekend. De algemene voorwaarden van die huurovereenkomst bepaalden :

“Indien het materieel in huur genomen wordt door een vennootschap is niet enkel deze vennootschap gehouden tot naleving en uitvoering van de overeenkomst maar ook, te persoonlijken titel, hoofdelijk en ondeelbaar met de huurder, de bestuurder, zaakvoerder of gevolmachtigde die namens de vennootschap de overeenkomst heeft getekend. De ondertekenaar verbindt zich dus ook persoonlijk, hoofdelijk en ondeelbaar met de vennootschap waarvoor hij optreedt, tot naleving van alle bepalingen voorzien in de overeenkomst en de algemene voorwaarden van deze overeenkomst.”

Volstaat dit om de bestuurder die namens de vennootschap ondertekende persoonlijk te verbinden voor de onbetaalde vennootschapsschuld? Het Hof van Cassatie sprak zich hier over uit in een arrest van 27 januari 2017 (C.16.0141.N). Continue reading “`Je est un autre´: cassatie over de doorbraak van beperkte aansprakelijkheid op grond van algemene voorwaarden”

Nullity of a contract: the economic equivalent of a put or call option

How the law exploits the opportunism of contract parties to make the nullity sanction sting

Gerelateerde afbeeldingA previous post (in Dutch) discussed a recent case of the Belgian Supreme Court about the nullity of a sale of shares because of prohibited financial assistance. The case giving rise to the judgement of the Belgian Supreme Court illustrates how the nullity sanction is cleverly designed to exploit the incentives of contract parties to serve the legislator’s goals. Continue reading “Nullity of a contract: the economic equivalent of a put or call option”

Klare wijn over gebakken peren: ex tunc vernietigen, ex nunc waarderen

Cass 13 januari 2017 over gevolgen van een vernietiging van een overdracht van aandelen wegens schending verbod ‘financial assistance’

Wat zijn de gevolgen van de vernietiging van een overdracht van aandelen terwijl de waarde van die aandelen ondertussen significant is gedaald? Wie draagt het risico voor die waardevermindering en blijft met de gebakken peren zitten: de koper of de verkoper? Over dit vraagstuk boog het Hof van Cassatie zich in een arrest van 13 januari 2017.

Het verhaal dat schuilgaat achter de rechtsvraag ontvouwt zich als een kleine tragedie. Twee zussen verkopen aan dezelfde koper hun aandelen in quasi identieke commanditaire vennootschappen op aandelen (Comm.VA) die uitgebreide aandelenportefeuilles beheren. Wanneer de waarde van die beleggingen keldert omwille van de financiële crisis, blijft de koper in gebreke het nog uitstaande deel van de prijs te betalen. Zodus dagvaarden de zussen de koper.

Plottwist: in plaats van een vonnis waarmee ze de betaling van het resterende deel van de overdrachtsprijs kunnen ten uitvoer leggen, kijken ze aan tegen de vernietiging van de overdracht.

Continue reading “Klare wijn over gebakken peren: ex tunc vernietigen, ex nunc waarderen”

Ze is zo relatief, meneer: de pauliana na samenloop

Cass. 13 januari 2017: Geslaagde pauliaanse vordering komt enkel schuldeiser toe

Cassatie geeft de schuldeiser wat de schuldeiser toekomt

U kunt uw schulden niet meer betalen (u begrijpt: wij schrijven in de irrealis). Maar gewiekst als u bent, geeft u uw goederen weg aan een familielid. Of beter nog: u brengt het in in een vennootschap onder uw controle. Zo behoudt u de feitelijke macht over uw activa, terwijl uw schuldeisers met lege handen overblijven (zakelijke zekerheidsrechten even daar gelaten).

Artikel 1167 BW reikt uw schuldeisers in zo’n geval echter een krachtige remedie aan: de actio pauliana. Continue reading “Ze is zo relatief, meneer: de pauliana na samenloop”

De collectieve vordering 2.0 : boedelvordering zonder boedelschade

Cass. 16 september 2016: curator kan soms ook vorderen zonder dat er collectieve schade is

In een eerdere post berichtten we over het arrest van het Hof van Cassatie van 16 september 2016. Daarin oordeelde het Hof dat de enige vennoot-rechtspersoon van een EBVBA hoofdelijk borg staat voor alle schulden ontstaan in de periode dat de vennootschap eenhoofdig was (art. 213, §2, 2de lid W.Venn.). Hoewel de enige vennoot enkel moet instaan voor de omvang van de schulden die werden aangegaan tijdens de eenhoofdigheid, geldt die aansprakelijkheid volgens het Hof ook ten aanzien van schuldeisers wier vordering dateert van vóór of  na de eenhoofdigheid. Bijgevolg, aldus het Hof, is de curator bevoegd om de aansprakelijkheid van de enige vennoot-rechtspersoon in rechte af te dwingen.

Op twee vlakken gaat dit arrest verder in op ingeslagen jurisprudentiële wegen: Continue reading “De collectieve vordering 2.0 : boedelvordering zonder boedelschade”

De curator als materiële procespartij

Een recente beslissing van het bureau voor rechtsbijstand van het Hof van Cassatie toont het onderscheid aan tussen de curator die optreedt als procesvertegenwoordiger van de gefailleerde en de boedel van de schuldeisers en de curator die optreedt als materiële procespartij (zie hierover algemeen, het proefschrift van Sven Sobrie).

Continue reading “De curator als materiële procespartij”

Cassatie: ook een aandeelhouder mag oplichting persoonlijk nemen

Cassatie 25 januari 2017 bevestigt dat aandeelhouder een bestuurder kan aanspreken voor persoonlijke schade

Het faillissement dreigt voor een vennootschap. Om werkgelegenheid te redden is een overheid bereid om een grote investering te doen en aldus aandeelhouder te worden van de vennootschap. Een voorwaarde daarbij is dat de bestaande private aandeelhouders ook bijkomende inbreng doen. De vennootschap gaat later failliet. Het blijkt dan dat de private aandeelhouders hun inbreng op frauduleuze wijze uit de vennootschap hebben weggesluisd.

Heeft de overheid een schadevergoedingsaanspraak tegen de private aandeelhouders en de met hen verbonden bestuurders? Continue reading “Cassatie: ook een aandeelhouder mag oplichting persoonlijk nemen”

Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap

Regels rond conventionele (familiale) onverdeeldheid volgen steeds meer die van maatschap

1.

Een dame  had met haar toenmalige partner  in 2000 een woning aankocht te Mortsel. Beiden kochten dit pand aan in “onderverdeeldheid met een beding van aanwas voor het vruchtgebruik op de onverdeelde helft van de overledene, op voorwaarde van blijvend samenwonen tot aan het vooroverlijden”. De partner overleed in 2009. De dame dagvaardt in 2011 de dochter van haar overleden partner (en diens enige reservataire erfgenaam) ten einde te horen zeggen voor recht dat zij het volledige vruchtgebruik heeft op het onroerend goed. De dochter vorderde de nietigheid of niet-tegenwerpelijkheid van het beding van aanwas en vorderde verder de verdeling van de onverdeeldheden. Continue reading “Cass. 21 oktober 2016: een beding van aanwas is geen verboden beding over een toekomstige nalatenschap”

Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?

Cass. 28 oktober 2016: de risico-aansprakelijkheid bij voorlopige uitvoering (art. 1398 al. 2 Ger.W.) geldt niet voor de vereffenaar die geen partij is – maar voor wie dan wel?

1.

Cass. 28 oktober 2016. Een vonnis in eerste aanleg spreekt met onmiddellijke ingang de gerechtelijk ontbinding uit en stelt een vereffenaar aan. Deze vereffenaar aanvaardt haar taak, stelt handelingen in het kader van de vereffening, heeft recht op erelonen en maakt kosten.

Er wordt door de vennootschap hoger beroep ingesteld. (Terzijde: het gewone bestuursorgaan wordt bij ontbinding vervangen door de vereffenaar, maar blijft nog wel bevoegd om rechtsmiddelen in te stellen namens de vennootschap). Dit hoger beroep wordt gegrond verklaard: de toestand van ontbinding wordt ingetrokken en het bestuur neemt terug de plaats in van de vereffenaar.

Hoe moet in zo’n geval het interregnum van de vereffenaar worden beoordeeld? Heeft de vereffenaar bv. recht op de erelonen die door de rechtbank in eerste aanleg werden toegekend? Continue reading “Trekt een hervorming in hoger beroep van een gerechtelijke ontbinding het tapijt onder de vereffenaar weg?”

Er is meer dan één derde: niet elke vennootschapsschuldeiser kan zich beroepen op niet-openbaarmaking

Cassatie: voormalige firmant waarvan uittreding niet werd gepubliceerd, is niet aansprakelijk voor niet-betaalde bedrijfsvoorheffing die na uittreding verschuldigd werd

Rechtspersoonlijkheid heeft belangrijke gevolgen voor derden, zoals beperkte aansprakelijkheid en vermogenafscheiding. Het is dan ook belangrijk dat die derden op de hoogte worden gesteld. Openbaarmaking gaat daarom naar het hart van de rechtspersoon.

Art. 76 al. 1 W.Venn. bepaalt dat akten en gegevens waarvan de openbaarmaking is voorgeschreven aan derden niet kunnen worden tegengeworpen dan vanaf de dag dat zij werden bekend gemaakt, tenzij de vennootschap aantoont dat de derde daar kennis van droeg.

Wie is die derde die zich op de niet-openbaarmaking kan beroepen? Continue reading “Er is meer dan één derde: niet elke vennootschapsschuldeiser kan zich beroepen op niet-openbaarmaking”

Cassatie verscherpt afdwinging aansprakelijkheid van vennoot bij eenhoofdigheid

Elke schuldeiser en bij faillissement de curator is bevoegd om aansprakelijke vennoot aan te spreken (Cass. 16 september 2016)

Het Hof van Cassatie beslist in een arrest (nr. C.14.0388.N) van 16 september 2016 dat de curator bevoegd is om in rechte op te treden tegen de enige vennoot-rechtspersoon van een éénhoofdig geworden BVBA. Continue reading “Cassatie verscherpt afdwinging aansprakelijkheid van vennoot bij eenhoofdigheid”